vrijdag 15 januari 2016

Sollicitatie-update



Laat ons eerlijk zijn… Neen, ik loop heus niet zo gigantisch hoog met mezelf op en vind mezelf ook niet zoooo fantastisch dat ik mijn achterzijde een nul-meridiaan-transit waardig acht. Ik ben eerder een down-to-earth-meid met een gezonde portie zelfspot en relativeringszin als het mezelf aanbelangt. Maar, als het op solliciteren aankomt, dan heb ik best wel een meer dan gemiddeld aantrekkelijk en veelzijdig pakket in de aanbieding en ben ik me ook wel vrij bewust van de professionele kwaliteiten, die ik bezit.

Dankzij maandenlange intensieve begeleiding heeft mijn professioneel zelfbeeld op dat vlak trouwens – nadat het ontslag me een ferme deuk gaf – ook een nieuwe boost gekregen en besef ik dat ik met mijn 40+-leeftijd écht nog niet afgeschreven ben en heus nog wel kan mikken op een job die bij me past. Die positieve vibes vertaalden zich vooral in heel erg doelgerichte sollicitaties, niet zomaar lukraak in het blinde weg, maar heel concreet afgelijnd. Dat heeft niet zozeer te maken met het feit dat ik “kieskeurig” ben of mezelf te goed voel voor bepaalde functies, maar “zomaar een job”, daar wil ik niet voor tekenen. Een job met inhoud, zo eentje waarbij de feel-good factor hoog ligt, je het gevoel hebt iets betekend te hebben die dag en dat bij voorkeur in een sfeer van positieve energie. Samen de schouders ergens onder zetten en gaan voor het groter geheel!

In de praktijk vertaalde zich dat naar een 14-tal schriftelijke kandidatuurstellingen voor jobs waarvan ik het gevoel had dat ze grotendeels in de lijn van mijn verwachtingspatroon én interessesfeer lagen. Jobs die ik stuk voor stuk zag zitten en die me allemaal een goed gevoel gaven. Van die 14 brieven ben ik in totaal 3x uitgenodigd voor een gesprek: bij een eerste sollicitatie eindigde ik als 2de van ca. 200 kandidaten. De teleurstelling en de tranen van het gevoel “gefaald” te hebben en op de eindmeet geklopt te worden waren heel erg bitter en brandden nog dagen na, vooraleer ik me opnieuw bij elkaar raapte en met herwonnen optimisme aan het solliciteren ging. Een heel erg lang gesprek op een andere plaats gaf me opnieuw hoop, ook al was de job niet helemaal mijn ding, doch ik vernam zopas dat ze er – ondanks het enthousiasme van hun kant – de voorkeur aan gaven om een heel jong meisje aan te nemen onder I.B.O.-contract. Op zich niet zo erg, gezien ik toch wel enkele bedenkingen had…

Dat brengt ons naar het laatste gesprek, een gesprek dat ik eerder deze week had. De vacature voor deze baan kwam eigenlijk eerder toevallig bij me binnen: dankzij een alerte kennis, die op de hoogte was van het feit dat ik “zoekende” ben. Hij had op zijn beurt uit zijn netwerk de vraag gekregen of hij geen “witte raaf” wist voor een bepaalde functie als administratief verantwoordelijke en dacht daarbij spontaan aan mij. De functieomschrijving werd naar me doorgestuurd en toen ik ze las kon ik perfect alle eisen afpunten: “kan ik, wil ik, heb ik al gedaan én wil ik graag doen”. Samenvattend waren er op het eerste zicht dus geen negatieve punten of bedenkingen van mijn kant. Ik schreef mijn motivatiebrief, die vlotjes over mijn scherm stroomde en die ikzelf toch wel “het betere werk” vond (na 13 brieven kon ik al wat vergelijken en merkte ik zelf vorderingen in mijn sollicitatiebrieven-schrijven), voegde mijn toch wel knap gelayout c.v. toe en stuurde alles door. Enkele dagen later de vraag of ik schriftelijke testen wilde komen doen, nog voordat er een kennismakingsgesprek geweest was.

Afgelopen week kreeg ik dan ook, 37,5 uur voordat ik verwacht werd voor de schriftelijke proef, een mailtje met daarin hetgeen we konden verwachten: een concreet af te handelen offertevraag en nacalculatie van een project en dan nog een deel dat we vooraf thuis mochten voorbereiden. Ik zag het helemaal zitten! Gezien we een laptop mochten meebrengen had ik een leuke presentatie gemaakt – niet té flashy, niet te straks of gewoontjes – om mijn “case” te verdedigen. Het was een heel leuk werkje en iets wat me écht wel ligt.

De dag van de schriftelijke proeven kwam ik serieus gehavend toe – nadat ik daags voordien zwaar ten val was gekomen op mijn huidige werk en met een aantal kneuzingen zat, die me enorme pijn bezorgden – doch bruisend van de energie. Als eerste aangekomen zag ik dat het een proef in groep was, tesamen met de andere kandidaten. Ik vroeg hoeveel “anderen” er waren. 40 Kandidaten, waarvan er een 7-tal vandaag zouden komen, gezien er vooraf al enkelen hadden afgehaakt na het lezen van de mail over de schriftelijke opdrachten. In de praktijk bleken het er dus 4 à 5 “tegenkandidaten” te worden, zo precies weet ik het niet meer omdat ik vol gefocused was op de proef. Wel herinner ik me dat één van de kandidates 20 minuten te laat toekwam. De proeven waren best wel complex en niet zo evident zonder enige achtergrondinfo of technische kennis, maar ik was vastberaden er het beste van te maken en geheel in de lijn van mijn natuur kalm en rustig om te gaan met de toch wel uitdagende vragen en analytisch te werd te gaan.

Vrij snel haakte een 1ste kandidate af (“Geen spek voor mijn bek”) en volgende iets later een tweede (“Te hoog gegrepen”) en een 3de (“Te moeilijk, niet echt haar ding”). Met z’n 2-en bleven we doelgericht en strak gefocused verder werken aan onze taken: calculeren, nacalculeren, offerte maken, alles opnieuw doornemen . Met nog slechts een korte vraag vooraleer af te geven, riep ik de gedelegeerd bestuurster bij me – zij nam de proeven persoonlijk af – en was het tijd om mijn case te verdedigen. Behoorlijk overtuigd van het feit dat ik me zeer goed had voorbereid, begon ik eraan. Ik denk dat ik slechts enkele minuten bezig was, toen de laatste overblijvende kandidate opstond, ons benaderde en meedeelde dat ze er de brui aan gaf: “Nu ik Mevrouw hier zo hoor praten, besef ik dat zij dit zoveel beter kan en hou ook ik het hier voor bekeken”. Ik zweer het: een onbeschrijflijke adrenalinestoot én tegelijk ook wel een écht bizarre situatie. Je schiet daar gewoon als laatste over, omdat al de rest zichzelf naar huis heeft gespeeld en opgaf. Gebrek aan motivatie? Gebrek aan doorzettingsvermogen? Faalangst? Ik weet het niet. Ht leek me alleszins (voor hen) bijzonder spijtig dat ze niet toch de moeite gedaan hebben om te proberen of te argumenteren of op z’n minst zichzelf voor te stellen.

Ik daarentegen heb na het verdedigen van mijn case nog een heel fijne lange kennismakingsbabbel gehad met wat normaalgezien mijn nieuwe bazin gaat worden.



Het enige wat er nog ontbreekt is de handtekening en die hoop ik volgende week te kunnen gaan zetten. Het is dan ook misschien een heel klein beetje voorbarig, maar ik wil nu alvast mijn man bedanken voor zijn immer aanwezige steun en nooit aflatende rust en vertrouwen (dankzij hem ben ik steeds de beste versie van mezelf). Verder een woord van dank voor Nadia en voor mijn zusje voor het telkens weer duimen, mailen, bellen, navraag doen. Dank ook aan collega’s, vriendinnen en vrienden die meedachten in mijn queeste en dan vooral aan Alec en Kristel voor de “gouden tip” (blij dat ik de “witte raaf” mag zijn). Mijn papa ben ik dankbaar voor de 21 jaar waarin hij mee zorgde voor mijn opvoeding en opleiding en zo voor een deel verantwoordelijk is voor de persoon die ik nu ben. Dankjewel ook Ina voor de steeds zo leerrijke sessies, de hulp, steun, beschikbaarheid en realistische kijk op een snel veranderend professioneel klimaat. De positieve energie van jou en de groep was telkens iets om naar uit te kijken. Ik ga jullie missen… En, na 4 maanden ben ik eindelijk zo ver dat ik kan zeggen: dankjewel vorige werkgever voor de 4 jaar samen en om me vrij te geven voor een baan die zoveel beter bij me past. Aan mijn huidige collega’s: ik zal jullie missen…










donderdag 24 december 2015

Tips voor een echtscheidingsboekhouding


Echtscheidingsboekhouding. Ja, ik moet toegeven… Ondanks het feit dat ik in het eerste jaar van mijn managementopleiding grandioos gezakt ben voor boekhouden en er tijdens de herexamens niet veel meer van bakte, blijk ik nu – zo’n 20 jaar later – een échte cijferfreak te zijn. “Excelletjes” zijn helemaal mijn ding! Mijn hele leven – zowel werk als privé – is doordrongen van excelletjes…
Luidop hoor ik de lezer nu denken wat dat in godsnaam te maken kan hebben met MIES, Mens in een Scheiding.
Wel, heel erg veel eigenlijk… Ondanks het grote aantal echtscheidingen met onderlinge toestemming (kortweg EOT’s genaamd) word ik zo nu en dan in de privésfeer wel eens geconfronteerd met een iets minder peisvolle vechtscheiding, met een zeer prominente nadruk op de “V”. Menig scheidend medemens heeft me dan ook al het nut van een gerechtelijke echtscheidingsprocedure met advocaten uitgebreid willen toelichten. Je kent ze wel: hij een advocaat onder de arm, zij een advocaat onder de arm en beiden willen zoveel mogelijk hun gelijk halen en doen daar vaak jaaaaaaaaren over, zonder echter ook maar één stap vooruit te geraken.
Als kanttekening even vermelden dat ik me bewust ben van het feit dat niet elke scheiding rozengeur en maneschijn is en dat er vaak ook wel bezwarende zaken zijn, die een vlotte scheiding in de weg kunnen staan. Laat ik daarom even zeer simplistisch en ongenuanceerd stellen dat bijna alle gerechtelijke scheidingsissues ofwel om hoederecht ofwel om financiën gaan. Over dat eerste wil ik me hier niet uitspreken omdat dat zeer complex is en ik wil het dus enkel hebben over de financiële kant van een scheiding met kinderen waarbij co-ouderschap wordt nagestreefd. Scheidingsverhalen waarbij de advocatenkosten per scheidend persoon oplopen tot een afgeronde 100 euro per maand voor het opstellen van brieven, het indienen van weet-ik-veel-wat allemaal! Uiteraard formuleert de advocaat van de “tegenpartij” op elk van die brieven of verzoeken netjes een antwoord, de belangen van zijn/haar cliënt verdedigend. Ook die tegenpartij krijgt aldus maandelijks een afrekening van de advocaat van dezelfde omvang als die van de ander. Laat ons dus even stellen dat we het dan over 200 euro per maand hebben (gemiddeld en afgerond en uiteraard bij benadering, gezien ik zeker niet pretendeer een expert te zijn op dat vlak). Op jaarbasis maakt dat dan 2400 euro, als we even buiten beschouwing laten dat ook advocaten al eens op vakantie gaan en je dus misschien niet elke maand zo’n factuur in de bus krijgt.
Ik ken een (ex-)koppel dat nu al zo’n 10 jaar ruziet over (in mijn ogen) onbenullige dingen zoals bijvoorbeeld wie de winterjassen of de schoenen moet betalen, wie de sportkampen betaalt of naar wie de factuur voor de bijlessen wiskunde moet worden gestuurd. A rato van 2400€ per jaar maakt dat bij benadering een 24.000€ in die 10 jaar tijd! Dat is toch een hallucinant bedrag, waar je best wel wat leukers mee kan doen, niet?! Stel nog dat ik me hier ergens schromelijk misrekend heb. Stel nog dat de maandelijkse advocatenfacturen slechts 50 euro per (ex-)partner bedragen, stel nog dat ze slechts om de andere maand factureren, dan nog blijven het bedragen om over na te denken! Ook niet onbelangrijk om mee te nemen in deze fictieve denkoefening is dat beide advocaten er alle baat bij hebben om – geheel in hun eigen belang – hun cliënt(e) te blijven aansporen om het geschil lang genoeg te laten aanslepen. Want, zolang het geschil niet is opgelost kunnen zij blijven factureren. En, zolang jij dus met je ex blijft ruziemaken over wie de vakantie van de kinderen moet betalen ben je dus eigenlijk de volgende ski- en zonnereis van je beider advocaat aan het bekostigen!
Wat heeft dat nu in godsnaam met excel te maken?
Wel, dan nu de oplossing voor scheidende koppels die bovenstaande denkoefening begrijpen en inzien dat ze die 1.200 euro per kop per jaar beter in zichzelf en hun kinderen kunnen investeren, zodat er ondanks de onderlinge scheidingsperikelen wat extra overblijft om elk met je kroost op vakantie te kunnen gaan in de plaats van je advocaat nog maar eens op reis te sturen! (Voor alle duidelijkheid: ik heb niks tegen advocaten.)
Maak een boekhoudkundig excelletje, een kasboek als het ware, en noteer daarin de kinderinkomsten (kindergeld en bepaalde premies) en –uitgaven en wie deze betaald of ontvangen heeft. Maandelijks of jaarlijks maak je de balans op en zal je zien wat het verschil is en kan je dat eventueel onderling verrekenen. Boekhouding dus tussen 2 ex-partners die het ouderschap over de kroost delen en aldus ook de kosten.
In mijn persoonlijk geval betaalt mijn ex-man al jaren de naschoolse opvangfacturen van de kinderen en ik betaal de schoolfacturen. Ik zorg dat de kapper de 4 jongens hun haren knipt en hij zorgt ervoor dat ze elk seizoen nieuwe schoenen krijgen. Jassen doen we hoe het uitkomt en voor wat de kampen betreft: ik schrijf de kinderen in en betaal het voorschot, hij het saldo. Dus: als één van onze 4 kinderen iets nodig heeft, dan regelt één van ons beiden dat en wordt dat gewoon genoteerd. Nu, nadat we dit zo’n 7-tal jaren hebben gedaan, ben ik er ondertussen mee gestopt. De reden is heel simpel: aan het einde van elk kalenderjaar kwam de balans op ongeveer 50% elk uit en bleek er amper enig verschil op te zitten… en dat helemaal zonder enige ruzie of echtscheidingsadvocaat. Blijkbaar zorgen we beiden instinctief en evenredig ervoor dat onze kinderen niks te kort komen.
Als er dus nog enig vertrouwen en dialoog is, raad ik uit persoonlijke ervaring aan om het op die manier onderling geregeld te krijgen. Is die dialoog en het vertrouwen er niet meer, probeer dan een bemiddelaar, die er wel baat bij heeft om alle partijen zoveel mogelijk verzoend te krijgen en het vertrouwen te herstellen. Voor je het weet vier je terug communiefeesten/lentefeesten samen aan één grote (gescheiden) familietafel en typ je na afloop netjes in je excelletje wat het feestje gekost heeft en hoeveel gasten er familie van jou waren en hoeveel van je ex.  Zo zie je maar waarvoor die lessen wiskunde en boekhouden op school goed zijn!
Veel succes!
PS. Wil je een voorbeeld excel ontvangen van Cora’s echtscheidingsboekhouding, laat het even weten!

De Ideale Kerst



Laat ons eerlijk zijn! De media dicteren helaas hoe “het ideaal” eruit hoort te zien. 
Of het nu de ideale vrouw (90-60-90), de ideale man (de mijne!), het ideale kind (nooit vuil, nooit huilend, stinkend of zeurend), het perfecte gezin (“oooh, een koningswens! Wat zal je nu blij zijn!”) of de ideale kerst betreft (jaja, perfecte vrouw, met perfecte man en 2 perfecte kinderen onder de perfecte boom!).
Nu, ik heb gemakkelijk praten: ik vier kerst al 41 jaar op kerstavond (met dank aan mijn Duits-Oostenrijkse ouders) en de 25ste deden we eigenlijk niet zo gek veel – familiefeesten waren er als kind niet bij, gezien onze familie in het buitenland woonde. Of beter: wij woonden in het buitenland, ver weg van de familie, zodat ik ook na de scheiding van de vader van mijn kinderen elk jaar de kinderen op kerstavond bij me heb en hij ze de 25ste mag komen ophalen als zijn familie of die van zijn vrouw een kerstfeestje hebben of hij met hen thuis wil vieren. Samenvattend heb ik het ideale kerstplaatje dus nooit echt moeten missen.
Maar, ik herinner me wel nog goed die ene 25ste december, waarop mijn kinderen met hun papa weg waren en ik gewoon besloten heb om al mijn single-vrienden (en dat waren er toen heel wat), die geen perfecte partner of perfect gezinnetje hebben, uit te nodigen voor een “alternatief kerstdiner” – gewoon onder vrienden. Nadat de afwas gedaan was, doken we met z’n allen de lokale kroeg in en hadden we een fijne avond, gezellig en leuk, zonder veel kerstige poespas.
Ik bedoel maar: de ideale kerst is wat je er zelf van maakt!
Er is helemaal niks mis met een microgolfmaaltijd terwijl je in je uppie geniet van een uitgebreid bad of een leuk boek. Want, géén kerststress kan ook heel erg leuk zijn! En het is perfect O.K. als je een hoop single-vriendinnen uitnodigt voor een “Friends”-marathon met zakken chips en popcorn. Wil je dan toch “iets kerstigs” doen, doe dan eens iets voor anderen en ga in een lokaal ziekenhuis, vluchtelingenopvang, armentehuis of rusthuis langs en doe er wat kerstig vrijwilligerswerk. Wedden dat het je helpt relativeren en je al gauw je idee van de “perfecte kerst” gaat herzien? In onze stad is er trouwens een initiatief waarbij je een minderbedeelde of vluchtelingengezin voor de kerst bij je thuis kan uitnodigen en zijn er initiatieven zat waar je kerst kan vieren met anderen.
Viert “iedereen” die dag al en schiet je alleen over? Geen probleem: in de eindejaarsperiode is er allicht wel een andere dag waarop je de mensen die voor jou belangrijk zijn kan uitnodigen voor een fijn samen-zijn. Dus, als je kinderen er met kerst niet zijn, dan vier je kerst toch gewoon het weekend erop uitgebreid met je kroost? Of, beter nog: vier al lekker fijn voorop! Want, ook daar is niks mis mee! Mijn kinderen zeuren trouwens al sinds oktober en kunnen niet wachten op de kalkoenrollade met druivensaus en pommes duchesses. Ik zou hen geen groter plezier kunnen doen dan kerstmis een week of zelfs 2 eerder te vieren…
Mijn gouden raad voor een fijne kerst is dan ook: stap af van het perfecte plaatje dat je wordt voorgespiegeld en ga creatief om met de feestdagen op het vlak van tijd en beschikbaarheid en probeer eens een alternatieve kerstinvulling! Maak er hoedanook een gezellige tijd van.

Prettige feesten en graag tot volgend jaar…


Lees het artikel op Mies-magazine: http://miesmagazine.com/de-ideale-kerst/

Nieuw samengestelde vakantieplannen



Terwijl menigeen zijn kerstmenu aan het opstellen is of nog gauw de stad induikt op zoek naar een blinkende feestoutfit voor Oudejaar of de nieuwjaarsreceptie op het werk buig ik me al over de zomerplanning.
Beetje vroeg, zou je zo denken. Maar, niets is minder waar! Met 4+2 kinderen, waarvan er 4 in het om-de-week-ritme bij ons zijn en 2 in de zomermaanden telkens 2 weken blijven, komt er toch wel een hoop planning aan te pas. Met 3 van de 6 die studentenwerk mogen doen dienen we ook met deze factor voor het eerst bewust rekening te houden…
Voorheen lag het allemaal wat simpeler, hoewel er ook toen al enige proactieve aanpak nodig was op het vlak van “zomerplanning”: in de zomervakantie gingen mijn kinderen 10 dagen op kamp, een week kamperen met papa en plusmama. De 2 kinderen van mijn man namen we tussendoor al eens mee op verlengd weekend en met hun mama gingen ze op hun beurt dan ook op verlof. Mijn man en ik planden daarenboven elke zomer een midweek met de 6 kinderen in een vakantiehuis. Samenvattend is onze nieuw-samengestelde kroost dus best wel verwend met elk minstens 3 vakantietripjes in die 2 zomermaanden.
Ondertussen zijn er dus de ambities van de oudsten om in de vakantiemaanden ook hun eigen jaarbudget financieel wat op te waarderen en tegelijk zijn er de plannen om dat zuurverdiende geld gedeeltelijk in diezelfde zomermaanden over de balk te gooien tijdens meerdaagse festivalletjes of zonnige vakantietripjes met de familie van vrienden of liefjes mee (de oudste van onze kinderbende wordt er al 20 volgend jaar). “Wie, wat, waar, wanneer, hoe”, daar staan ze nu – in december – uiteraard nog niet bij stil. Zalig toch, die jeugdige spontaniteit! Ook op het vlak van vakantiewerk kunnen ze uiteraard nu nog niet zeggen of ze in juli dan wel in augustus gaan werken en waar. Allemaal onzekere factoren dus. Ook gaan mijn jongens de komende zomer één week langer op vakantie met hun papa, omdat het vorig jaar zo leuk was. De zomerkampplannen blijven naar goede jaarlijkse gewoonte nog even behouden, want ze amuseren er zich elk jaar opnieuw rot. (Gezien deze zekerheid heb ik vandaag alvast hun deelname bevestigd, kwestie van er op tijd bij te zijn.)
Op het zomerkamp na dus weinig concrete knopen die we nu al kunnen doorhakken, besefte ik vandaag. Voeg daar nog aan toe dat ik geen idee heb waar ik volgend jaar zal werken en hoe het me dan financieel zal vergaan en je hebt een heleboel “onzekere” factoren op een hoopje.
Ik hoor u al denken: “Gooi de langetermijnplanning gewoon overboord en doe eens gek: kies voor last-minute!” Wel, met 8 personen is dat dus totaal niet te doen. Als wij in januari ons vakantiehuisje voor de gezinsmidweek niet geboekt hebben, dan vallen we uit de vakantieboot! Want, betaalbare huizen met een capaciteit van 8 personen en toch wel enige luxe zijn heus niet zo dik gezaaid.
Waar is de tijd dat ik met 4 energieke kleuters zat, pas gescheiden, en ik het financieel en organisatorisch niet zag zitten om met de jongens op vakantie te gaan. Jarenlang was er geen nood aan een gedetailleerde langetermijnvisie als het op de invulling van de zomermaanden aankwam: in de vakantie was ik 2 weken verplicht aaneengesloten thuis (1 week met hen, 1 week zonder) en deden we gewoon leuke dingen in de buurt. Eten en slapen deden we thuis en voor de rest amuseerden we ons. Zo heerlijk ongecompliceerd.

Misschien moet ik er in april gewoon met mijn man even alleen op uit, ergens naar de zon, kwestie van in alle rust de komende zomerplannen te bekijken…


donderdag 19 november 2015

Tijd voor kwaliteit...


Bijna 3 maanden geleden kreeg ik te horen dat de firma waarvoor ik werk in het kader van het herverdelen van de beschikbare middelen mijn functie zou schrappen en mijn taken zou herverdelen.

Concreet werd ik dus ontslagen, wat voor mij een heel nieuwe ervaring was. Met 5,5 maand opzeg voor de boeg besliste ik al snel om me in die periode te laten begeleiden op het vlak van verwerkingsproces, kennis over de huidige arbeidsmarkt, solliciteren (brief, gesprek, netwerk), hoe mezelf verkopen, opleidingsmogelijkheden, enz. Tot op heden is dat een heel erg boeiend en leerrijk traject gebleken, waarin ik toch ook wel enorm aan zelfreflectie gedaan heb en mijn loopbaan tot op heden eens grondig onder de loep heb genomen. Met nog meer dan 25 jaar werken voor de boeg geen onbelangrijke oefening, omdat de professionele weg die ik vanaf nu zal inslagen toch wel een belangrijke is.

“Hoe moet het verder vanaf hier?” is dan ook een vraag die me nu al 3 maanden bezighoudt. Neen, niet dat ik eraan twijfel dat ik van straat zal geraken, noch dat ik me ernstige zorgen maak. Maar, het “wat wil ik nu” is in deze nieuwe jobzoektocht toch wel een prominente spil waar alles om draait. Toegegeven, wat ik écht zou willen is de grote Lottopot winnen, zodat manlief en ikzelf gewoon niet meer hoeven te gaan werken. Helaas blijkt dat als carrièreplan toch niet zo’n haalbare kaart te zijn, weet ik na enkele pogingen.

Als ik de plannen dan iets realistischer uitteken, dan kom ik uit bij deeltijds werk, zodat er niet alleen voldoende ruimte is voor mijn huishouden en gezin, maar ook nog een beetje extra-tijd voor vorming, sport en hobby’s. Wat ik nu wil is dus eerder kwaliteit. Ik heb de afgelopen 20 jaar gewerkt in voltijds dienstverband en heb een curriculum dat naadloos aansluit, zonder ook maar één klein gaatje of rustpauze.

Pas op, je hoort me niet klagen over mijn werk tot op heden: steeds in eigen stad gewerkt met vrij aantrekkelijke uren, die me toch wel in staat stelden om vrij aanwezig te zijn in het leven van mijn 4 kinderen. En, een betrekkelijk goed loon, vaak aangevuld met extralegale voordelen. Nu ik echter besef hoe snel kinderen groot zijn en hoe snel ik oud word, wil ik werkgewijs zo graag een beetje op de rem gaan staan, tot de laatste thuis afgezwaaid is, wat toch nog een jaar of 10 gaat duren, ongeveer. Ik ben dus niet alleen “midlife” op het vlak van eigen leeftijd en levenswijsheid, maar ook op het vlak van intensief ouderschap ben ik net over de helft van het intensieve “moeten zorgen”.

Deeltijds of zelfs halftijds – al dan niet tijdelijk - is dan het sleutelwoord. Een ontlasting voor mijn man, die financieel de grootste bijdrager is en daarnaast heel veel huishoudelijke taken op zich neemt en ook een ontlasting voor mezelf, met meer "werkvrije uren", die binnen de kortste keren ingevuld zullen geraken met meer zinvolle inhoud. Want, op de lauweren rusten, dat is niet de bedoeling van het plan.

Blijft de vraag naar de financiële haalbaarheid, die ik theoretisch gewoon nog niet kan beantwoorden. Want, bijna de helft van mijn loon vrijwillig laten vallen is toch een serieuze stap, die enige mentaliteitswijziging met zich zal meebrengen. Financieel “consuminderen” om ruimte te scheppen voor de gewenste kwaliteitsvollere tijdsbesteding lijkt me perfect mogelijk als ik mijn doel niet uit het oog verlies en ook mijn huisgenoten kan overtuigen van de zin van mijn plan. Want, financieel inbinden in een gezin van 8, dat doe je niet alleen. En toch blijft het in een crisisklimaat met steeds duurder wordende basiskosten geen evidente keuze en zelfs vrij risicovol om te kiezen voor “minder” en een stukje vrijheid en onafhankelijk (en dus financiële zorgeloosheid) op te geven in ruil voor tijd, ons kostbaarste bezit.

Benieuwd of ik de komende weken en maanden mijn masterplan kan omzetten in de praktijk en zo verder kan bouwen aan een nieuwe “ik”…

If you look at what you have in life, you’ll always have more. If you look at what you don’t have in life, you’ll never have enough. –Oprah Winfrey

maandag 16 november 2015

Het gelijkheidsbeginsel volgens H.

Ik heb een vriend, een kameraad die al 15 jaar meegaat en een wekelijkse gast aan huis is op zaterdag en zondag. Hij is “gehandicapt”, zoals hij zelf zegt en het meest toepasselijke gangbare etiket voor hem - ook al haat ik labels - is allicht een beetje “simpel” of mentaal achter, maar ik noem hem liever “mijn vriend” of onze huisengel, omdat hij dat ook is.

Al 15 jaar lang komt hij op de koffie, eet een tas soep mee, doet zijn verhaal: over vroeger en hoe het was als kind van binnenschippers, over zijn zussen, zijn broers en zijn (overleden) moeder, over zijn werkweek (3 dagen per week werkt hij op een soort van beschutte werkplaats), over de wekelijkse petanquenamiddag op donderdag (“Weer 3 van de 4 spelletjes gewonnen!”) en gewoon over de mensen die zijn pad kruisen op de bus of het werk. De gewone dingen dus waar je als vrienden over praat. En, ja, over de gezondheid, het weer en hoe het met de kinderen gaat ook! Heel soms gaat het zelfs over de actualiteit, het nieuws in binnen- en buitenland en over politiek.

In een tijd waarin onverdraagzaamheid, haat, racisme en terrorisme de media bepalen is het bewonderenswaardig hoe eenvoudig de wereld voor mijn “simpele” vriend in elkaar zit. 
Man/vrouw, jong/oud, met sluier/zonder sluier, Belg/geen Belg, “normaal” of gehandicapt,… hij maakt dat onderscheid niet! Voor hem is iedereen een mens! Sterker nog, voor hem is iedereen een mens, die zijn hulp zou kunnen gebruiken. Huilend kind? Hij beurt het op met een snoepje. Oud vrouwtje op de bus? Hij (zelf vooraan in de 60) zal wel opstaan. Neen, het deert hem niet of dat vrouwtje behangen is met uiterlijke schijn, armzalig is, moslima, katholiek of atheïst is. Voor hem is ze gewoon een mens.

In se is dan ook elke mens in zijn ogen een goed mens. Uiteraard ziet ook hij het kwade in de wereld, maar het grondbeginsel is voor hem dat elke mens gelijk is en elke mens goed is. Dat er mensen zijn die op termijn minder goed zijn en kwade dingen doen, dat beseft hij en het bedroeft hem dat er zoveel erge dingen gebeuren. Toch blijft hij volharden in zijn gelijkheidsbeginsel. Het grootste geschenk dat hij mensen geeft is dan ook dat hij hen onbevoordeeld en vrij van vrees op een beleefde en vriendelijke manier benadert en ter hulp zal schieten. Vaak bedankt met een knuffel, soms “stank voor dank” krijgend, zoals hij vaak teleurgesteld zelf vaststelt. Gewoon omdat "de mensen" soms nu eenmaal zo zijn, zonder dat hij er een etiket op plakt. 

Je ziet: mijn simpele vriend is een engel! Een engel die het goede ziet, een engel die helpt, een engel waar velen van zouden kunnen leren. Ja, ook ikzelf, als ik me soms, heel soms, betrap op zwart-wit denken, terwijl ik me had voorgenomen mijn roze bril nooit af te zetten!


dinsdag 3 november 2015

Jezelf graag zien...




Ik zat laatst – werkgerelateerd – in een groepje van 8 mensen met uiteenlopende achtergrond, aan wie er gevraagd werd om één positieve eigenschap van zichzelf te benoemen voor de groep. Mijn verbazing was nog nooit zo groot! Want, blijkbaar was er – op mezelf na – niemand die iets positiefs over zichzelf te zeggen had. Heel vreemd vond ik dat!

Neen, niet dat ik zooooo geweldig hoog met mezelf oploop, maar, ik weet toch wel verdomd goed wat mijn goede kanten zijn. En, ja, ook mijn mindere kanten kan ik benoemen, iets waar de anderen in de groep dan weer minder moeite mee bleken te hebben.

Hoe komt het toch dat we het eenvoudiger vinden om een slechte eigenschap dan een goede eigenschap te geven als het om onszelf gaat, de persoon die we eigenlijk het beste op de hele wereld zouden moeten kennen. Jezelf ken je al sinds je geboorte en zelfs al van daarvoor! Dag in dag uit moet je met jezelf leven, in goede en in kwade dagen. En toch blijkt het dus dat we moeite hebben om iets goeds over onszelf te zeggen. “Waarom?”, vraag ik me dan af.

Nu, misschien moet ik even de aard van de groep kaderen. Het betreft allemaal mensen die redelijk recent ontslagen werden, inclusief mezelf. En, volgens de outplacementbegeleidster ligt het eraan dat de anderen hun ontslag nog niet verwerkt hebben en nog in een “zelfbeelddipje” zitten en daarom dus hun goede kanten nu even niet kunnen/willen zien. Want, blijkbaar is het verwerken van een ontslag een beetje zoals een scheiding of rouwverwerking en volgt het ook dezelfde fasen om dan uiteindelijk te komen tot aanvaarding en een nieuwe start.

Dat ontslag (of echtscheiding) je door fasen van ontkenning en woede kunnen katapulteren, daarin ben ik helemaal mee, maar waarom in godsnaam laten we toe dat het zo aan ons zelfbeeld knaagt? Blijkbaar heb ik op dat vlak ergens een schroef los, want het onverwachte ontslag heeft me op heel veel vlakken geraakt (verdriet, woede, noem maar op, allemaal doorlopen), maar heeft me nooit ofte nimmer doen twijfelen aan de persoon die ik ben, noch aan mijn kwaliteiten. Toch een kleine “hoera” voor mezelf op dat vlak...

Ja, ik zie mezelf graag! Neen, niet zozeer als ik in de spiegel kijk. Maar, gewoon als mens. Ik vind mezelf een best wel “goed mens” met een aantal leuke kwaliteiten en positieve aardigheden, maar ook met een paar hoeken af, een aantal irritante onhebbelijkheden of minder leuke kantjes. Net zoals iedereen! Maar, bovenal (en ik ken mezelf al 41 jaar) en zonder enig narcisme: ik hou van mij! Neen, niet op een arrogante egocentrische wijze, maar op een zelfreflecterende manier. Ik hou van mezelf om de persoon die ik ben en ik ben trots op de persoon die ik ben. Ja, ik heb in het verleden fouten gemaakt en mensen gekwetst, net zoals ikzelf ook mijn portie tegenslag heb gekend. Maar, dat alles, dat pakket aan ervaringen hebben me gemaakt tot de persoon die ik nu ben. En, die persoon verdient mijn respect en mijn liefde, want het is een sterk en aardig persoon. Een persoon waar ik het nu al 41 jaar mee moet doen en die hopelijk nog lang mag meegaan.

Om die reden heb ik 7 jaar geleden een “art nouveau”-hartje in mijn lies laten tatoeëren, inclusief sierlijke krullen. Op een plaats waar alleen ik het kan zien, om me eraan te herinneren dat ik niet alleen van mezelf mag houden, maar van mezelf MOET houden, om alles wat ik als mens al meegemaakt, overwonnen en bereikt heb. Om de persoon die ik NU ben, een persoon die elke dag een andere is en evolueert door de tijd en de ervaringen heen. “Nouveau”, nieuw, als een nieuwe start van mezelf als een zelfbewuste persoon.

Dus, wees niet één van die 8 die niets positiefs over zichzelf te vertellen hebben en leer om (terug) van jezelf te houden, na ontslag of na echtscheiding. Want, je bent het waard!

(Opgedragen aan Carine, die besloten heeft zichzelf graag genoeg te zien om toe te geven aan haar werkgerelateerde burnout en de passie voor haar werk aan de kant heeft gezet om terug meer van zichzelf te kunnen houden. Toen de sleur te groot werd en ze uitgeblust, lusteloos en rusteloos geen uitweg meer zag uit de sleur heeft ze gekozen voor een “scheiding” van haar job waar ze zich al jarenlang voor inzette, zodat ze als persoon terug sterker en vrolijker door het leven kan gaan, op zoek naar nieuwe creatieve wegen.)

http://miesmagazine.com/jezelf-graag-zien/