Als er iemand in je omgeving overlijdt, dan
ga je terug naar je herinneringen met die persoon, mijmert er wat op los. Dat
is allicht een deel van het afscheid nemen van een persoon…
Zo ook toen ik zondagmiddag het nieuws van mijn
man te horen kreeg – ik lag nog in bed – dat “er iets met je aan de hand moest
zijn”, omdat hij op Facebook verontrustende berichten had zien passeren. Ik
checkte en concludeerde – helaas terecht – dat je zelf besloten had dat het
goed geweest was, dat je er een einde aan had gemaakt.
Bam! Ik werd dadelijk iets meer dan 10 jaar terug de tijd in gekatapulteerd,
naar de lente van 2009.
Ik “kende” jou al bijna 2 jaar als onderdeel
van een (heel erg mooi en populair) koppel, dat al 5 jaar samen was en door iedereen
graag gezien werd. We kwamen elkaar sporadisch eens tegen op café, in de weekends,
jij met je vriendin en ik met een vriend. We hingen op dezelfde plaatsen rond,
maar we kenden elkaar niet écht, ook al had ik al vaker leuke gesprekken gehad
met je vriendin.
Zelf zat ik in die tijd in een heel turbulente fase van mijn
leven: ik had mijn huwelijk zien stranden na 13 jaar samen en woonde
ondertussen gescheiden in een huurhuis met mijn 4 jonge kinderen. Mijn
scheiding was de maand ervoor maar pas voor de rechtbank bezegeld, ook al waren
we al anderhalf jaar uit elkaar. Ik was 34 en had die herfst en winter
verstrikt gezeten in een “love triangle”, die tot gevolg had dat ik in een wisselende
aan-af-relatie zat tussen 2 mannen.
Begin mei van 2009, meer dan 10 jaar geleden, kwam ik je dan tegen, op café, alleen. Jij en
je vriendin hadden jullie relatie na 5 jaar beëindigd bijna 4 maanden ervoor, ergens na Nieuwjaar, in
februari. En ik had in mijn liefdesdriehoek na maanden van twijfels en vallen
en opstaan de maand ervoor de pauzeknop op beide fronten ingedrukt om wat tot rust te komen,
terwijl beide mannen zich elders vermaakten.
We raakten aan de praat, jij en
ik, en bleven langere tijd bij elkaar
hangen die avond. Toen pas viel me op wat een mooie ogen en ontwapenende lach
je had. Voorheen had ik daar nooit zo op gelet. Je vroeg mijn nummer en of je
me eens mocht bellen om iets te gaan eten.
JE VROEG MIJN NUMMER! Ik herinner me dit historische feit alsof het gisteren was. Want, je
was de eerste én enige die ooit mijn nummer gevraagd had om met me “op date” te
gaan. Ik stond perplex en wist niet wat me overkwam!
Ik gaf je mijn nummer. Maar, ik was ook wat terughoudend, omdat ik jullie als koppel had
leren kennen en dus ook je (ex-)vriendin kende en heel erg sympathiek vond. Pas
toen ik iets later vernam dat zij een nieuwe relatie had aangeknoopt, pikte ik
in op je vraag om met je te gaan eten. Ik vond dat ik daarmee de spelregels gerespecteerd
had: zij was gelukkig met iemand anders, jij was al enkele maanden single en
had mij uitgevraagd. Ik zag er dus geen graten in. Bovendien leefde ik op dat
moment tegen 100 per uur en was afwachten niet echt aan mij besteed toen (en nu
nog niet): veni, vidi, vici was de leuze én carpe diem!
Eind mei, een 2 à 3-tal weken nadat ik je mijn
nummer had gegeven, nodigde je me uit om op een terras iets te gaan eten op
zondagavond. Ik wilde die “date” discreet houden om je ex-vriendin niet nodeloos
te kwetsen, want ik had haar graag. Slechts 2 van mijn vriendinnen wisten
ervan. Je kwam me thuis ophalen en ik was best wel zenuwachtig, want zo goed
kende ik je eigenlijk niet, besefte ik toen. En, het concept “daten” was me compleet
vreemd. De conversatie liep wel, ook al praatten we beiden enorm veel over onze
relationele troubles van de maanden ervoor en over onze exen. (Eigenlijk een
absolute “faux pas” op een eerste date!)
Je had je ex-vriendin in de week ervoor nog
gezien en zij had toen je even naar het toilet was in je telefoon gekeken en
opgemerkt dat wij hadden afgesproken, althans zo heb je het me verteld. Volgens
jou had ze furieus gereageerd, je tot bloedens toe geslagen, je autosleutels
uit het venster van de 6de verdieping op straat gegooid, je bedreigd
en meer fraais. Ook had ze enkele van mijn vrienden opgebeld om hen in te
lichten over het feit dat ik met haar ex had afgesproken en dat je zoiets niet
doet, nog voordat jij en ik een concrete datum hadden afgesproken of ooit met
elkaar gebeld hadden (we hadden alleen maar heel erg praktisch ge-sms't mbt onze dinerafspraak).
Dat zette al een aardige domper op de sfeer,
toen je me dat vertelde, en ik vroeg me toen al af of dit een situatie was
waarin ik verzeild wilde geraken. Anderzijds was het euvel nu toch al geschied:
we zaten samen op dat terras te eten/daten. En, je was nog steeds de
allereerste en enige man ooit die mijn telefoonnummer had gevraagd om me uit
eten te nemen. (Na een huwelijk van 11 jaar – we waren 13 jaren samen
geweest - was ik op het vlak van daten niet echt mee: ik kende dat niet, had
mijn ex-man op de hogeschool ontmoet, nog voordat GSM’s bestonden en voordat we
überhaupt geld hadden om uit eten te gaan, maar dit geheel terzijde.)
Als je in een kleine stad woont en op restaurant
gaat op een straat verwijderd van je stamcafé, dan is de kans om gezien te worden
vrij groot, zeker als je op het terras gaat zitten. En wij werden er natuurlijk gezien!
Je ex werd gebrieft. Nog geen 5 minuten later kregen zowel jij als ik een sms van haar. We
gingen nog voor een afterdrink naar een café, waar we normaalgezien niet kwamen,
kwestie van de geruchtenmolen niet nog meer op gang te trekken. En we praatten,
vooral over je ex. Nadien zette je me thuis voor de deur terug af en er volgden
nog een paar beleefde sms’jes die avond. Verder was er niks gebeurd: uit eten
en wat drankjes.
Amper 2 dagen erop, dinsdag, besliste ik om voor je te koken, als bedankje voor het uit eten gaan die zondag. Ik nodigde je bij me thuis uit, had in die tijd als alleenstaande
moeder van 4 het geld ook niet om buitenshuis
te gaan eten. (Ik denk zelfs dat ik nog weet wat ik gemaakt had: als
voorgerecht een slaatje met roze pompelmoes en krab, als hoofdgerecht
zelfgemaakte saltimboca met mals kalfsvlees en pasta met een heerlijke pittige
saus van verse tomaten en kruiden uit mijn tuin en als dessert allicht één of
andere mousse met vers fruit afgewerkt in een hoog steelglas, maar daar ben ik
niet meer heel zeker van…) Het was alleszins mooi weer en we aten buiten in
de tuin van mijn huurhuis dat ik enkele weken later zou inruilen tegen het helaas
tuinloze huis waar ik nu nog steeds woon.
Na het eten werd het snel fris en gingen we
naar binnen, naar de woonkamer. Ik weet nog waar je zat en hoe je zat en wat je
allemaal vertelde. Neen, niet de details, maar de grote lijnen. We praatten
alleszins veel minder over je ex en vooral over jou. Over je dochter, die
toevallig middelbare school liep in de school, waar ik als kind 15 jaar lang
mijn broek had gesleten, in Keerbergen, op 65 kilometer van hier. Over hoe
trots je als vader was als je met je dochter buitenkwam. Dat je het enerzijds
vleiend vond, maar ook vervelend, als mensen je aanschouwden als je dochter’s
vriendje en niet als haar vader (je was vrij jong vader geworden en zag er
ook nog heel jong uit). Je vertelde over je roots, over je achternaam die
uit het Luikse kwam, over een vioolbouwer (maar ik herinner me de familiale
context niet meer) en over je ouders, maar ook daar ben ik de details van
kwijt. Het werd laat die avond, heel erg laat, maar ook heel fijn en gezellig. Zo
herinner ik me die avond toch. We begonnen elkaar écht te leren kennen. Uiteindelijk
ging je ook die keer braafjes naar huis en gebeurde er niks; de dag erop was woensdag,
een werkdag.
Het was fijn om na 7 maanden emotionele
rollercoaster te genieten van een frisse lentebries en ik genoot er met volle
teugen van, ook al hadden we jouw ex en mijn 2 exen
die ons nauwgezet in de gaten hielden.
Uit oud mailverkeer met anderen leid ik af dat
je me enkele dagen later erbij wilde hebben toen je met kameraden uit eten was
en dat je me daags erop bij je thuis – je woonde toen bij vrienden - uitgenodigd
hebt voor een grootse barbecue bij je thuis. Ik maakte tzatziki en een
gigantische schotel Griekse salade en bracht die mee, maar bleef niet lang op
je feestje. Jij was omringd door al je vrienden en ik voelde me er teveel,
overbodig. Ik was niet je vriendin, voelde me “een scharrel”, een indringer. Het
leek voor me alsof iedereen zijn oordeel over me klaar had (beïnvloed door de
geruchtenmolen, die je ex aanzwengelde) en ik paste er gewoon niet. Ik wilde
stilletjes verdwijnen, maar toen ik naar huis wilde glippen en net de auto
wilde instappen, kwam je me achterna en kuste me en gaf me een ietwat houterige knuffel,
alsof je me wilde laten weten dat mijn indruk een foute was. Alsof je me wilde
zeggen dat er meer was dan niets, ook al voelde het minder dan iets.
Jij had ondertussen ook al duidelijk meegegeven
dat je met je leven vooruit wilde, maar dat je er nog
niet aan toe was om opnieuw in een relatie te duiken. Je genoot van je vrijheid,
zat in de weekends vaak in Keulen, waar je ook iemand zag. Je ging vaak op
stap, naar clubs en dance feestjes. Niet mijn wereld! Ik was meer een
gezelligheidsstapper, die op café zat voor de sociale babbel en de schele zever
en die genoot van occasionele live-optredens.
Er werd me toegefluisterd dat je op die
feestjes en als je met je vrienden samen was ook minder legale dingen innam. Ik
sprak je erover aan, jij zei me dat dat iets uit het verleden was, waar vooral
je ex zich aan bezondigde, maar dat jij zo niet was.
We hadden geen relatie en ik had op dat moment
enerzijds nood aan rust, maar ook aan emotionele binding en een gevoel van samenhorigheid.
Ik had 13 jaar niet anders gekend dan dat ik “een koppel” was. Ik was een emotionele
mailer, een schrijver, jij niet. Ik was actief op sociale media, jij niet. Je
verdween soms dagenlang naar Keulen of elders zonder veel uitleg, maar dook
telkens opnieuw op, stuurde me af en toe wat sms-jes, want je was geen grote mailer. Ik was altijd heel erg “outgoing”,
een behoorlijk emotioneel open boek, terwijl jij veel binnen hield. Je was geen
grote prater en had het ook redelijk moeilijk met het uiten van gevoelens, terwijl ik – zeker
in die periode – één en al gedreven door extreme emoties was, in een reactie op
het mislukken van mijn huwelijk.
We hadden geen relatie, dus die verschillen
waren niet zo heel erg relevant op dat moment, ook al begonnen ze na een maand toch wel meer en
meer duidelijk te worden.
Doordat je zo vaak weg was en de emotionele
band er (nog) niet was, verwaterde het contact gaandeweg ook een beetje en gingen we beiden zowat onze eigen gang.
En toen was er die ene avond op café. Het was er heel erg druk. Zo druk dat mensen
heel dicht tegen elkaar stonden, wat wel vaker het geval was in het weekend. Ik
draaide me om en daar stond je! Op minder dan 2 meter rondom mij stonden mijn 2
exen (want zo gaat dat als je op dezelfde plaats uitgaat). In die drukte
passeerde je me en je nam mijn hand vast. Het was alsof ik door 1000 volt
geraakt werd, zo intens kwam die ene kleine aanraking binnen. Je keek me in de
ogen en liet mijn hand niet meer los. We bleven naar elkaar kijken, tot ik naar
buiten ging. Ik sms’te je dat ik naar huis zou gaan, want ik werd ongemakkelijk
van de aanwezigheid van mijn 2 controlerende exen én jou in zo’n
claustrofobische context. Een half uur later volgde je me naar huis en bleef je
slapen, de eerste en enige keer.
Ergens in die maand samen gingen we op een maandag
naar de film. Het was de eerste keer dat ik naar de kleine dorpsbioscoop zou
gaan (ik had 2 tickets gewonnen met een wedstrijd van de krant), waar ik
nog steeds om de andere week ga, sinds toen.
Welke film we zagen, weet ik niet meer. Ik dacht “No Country for Old Men”,
maar die is uit 2007 en verscheen hier allicht in 2008, dus allicht dat mijn
geheugen me hier in de maling neemt. Het was alleszins een vreemde ervaring: we
wisten niet dat het een arthouse film met een (vrij lange) inleiding was, we zaten heel onromantisch
redelijk vooraan in de zaal… én je had me gezegd dat je de indruk had dat je de
wagen van je ex had zien rijden, terwijl we ons op een 25 kilometer van thuis
bevonden. Je zette me na de film thuis af.
In die week besliste ik om na een maand een
punt te zetten aan iets wat nog niet goed begonnen was. Jouw ex, die ons niet
alleen zwartmaakte, maar op dat moment ook een heel impulsief/explosief karakter
had, was maar één van de redenen. Haar stalking was iets waar ik mijn kinderen tegen wilde beschermen. Ook
al keurde ik het gedrag van je ex niet goed, ik had ooit naar haar opgekeken en
vond haar altijd een heel erg mooie en bewonderenswaardige vrijgevochten vrouw.
Hoe kon ik als moeder van 4 daaraan tippen? Ik voelde me daar niet tegen opgewassen.
En dan was er het gevoel dat ik nooit in jouw
wereld zou passen als moeder van 4. De vrienden waar je mee optrok, het clubben en dan de
drugsvraag. Op zich een verstandige/verstandelijke beslissing om ermee te
kappen, ook al stapte ik nadien terug naïef en volkomen blind in de
liefdesdriehoek waar ik zo graag vanaf wilde en die me nog lange tijd na jou veel turbulenties
zou opleveren.
Jij en ik… we hadden geen “liedje” dat ons
verbond, we hadden geen diepzinnige emotionele momenten, we waren zelfs geen
échte “jij en ik”, maar we hadden een maand samen.
(Als je weet dat ik al ongeveer
541 maanden op deze aardkloot vertoef, dan lijkt die maand zo onnoemelijk
nietig, een “faits divers”, een kleine kanttekening in een veel groter verhaal.)
Wat mij bijblijft aan jou - en daar gaat het
uiteindelijk om in een “elegy”, een treurdicht of lijkrede (Elegy, een prachtige
film die ik voor het eerst zou zien de week dat ik een punt zette achter onze maand), is die ene aanraking in een overvol café: dat ene moment, waarop het leek
alsof de wereld heel even bleef stilstaan en alleen jij en ik bestonden en, in
een fractie van een seconde, verbonden leken door iets kosmisch.
"Time passes when you're not looking"
- uit de film Elegy
En, ja, de bioscoop, waar ik per toeval voor
het eerst jou mee naartoe nam en die een vaste waarde in mijn leven geworden
is. Ook die doet me soms aan jou denken… en de vraag welke film we toen gingen
zien.
We zagen elkaar nadien, in de 10 jaren die volgden,
nog sporadisch om de zoveel maanden eens als er ergens iets te doen was. Jij met
je vriendin, ik met mijn man. Als we elkaar kruisten, keek je naar me, lachte je naar me en ik lachte
terug. Alsof we beiden zagen dat het goed was, zoals het was. Alsof we beiden
blij waren te zien dat de ander gelukkig was. Althans zo leek het altijd en zo
wil ik het graag onthouden.
En dan is er de Harley, dat prachtig zware ding, dat jou zo goed stond. Op 1 september 2011
werd bij wet bepaald hoe correcte kledij op de motor er diende uit te zien: lange broek, handschoenen, schoenen tot boven de enkels, enz.
Diezelfde maand zag ik je op de Harley door de stad cruisen, met een open pothelm aan, een
zonnebril, een short, t-shirt en sneakers, zonder handschoenen. En het leek
alsof je lachte met die brede glimlach van je en met een fonkel in je
ogen dacht “kus toch gewoon allemaal mijn ***”
Mijn oprecht medeleven aan iedereen die van
je hield zoals je was. Mijn gedachten zijn bij hen en vooral bij je dochter,
die nu zonder papa verder moet. Het ga je goed! Wie weet kom ik je binnen 60
jaar nog eens tegen na dit leven en zegt je blik dat het zo goed was.