donderdag 23 juni 2011

Time flies…



(Foto: http://janussyndicate.deviantart.com/art/Time-Flies-85400304)




Time flies when you’re having fun. Allicht. Maar, de tijd vliegt evenzeer als je zorgen hebt, heb ik ondervonden…

Traditioneel duurt het bij mij elk schooljaar opnieuw tot ongeveer Nieuwjaar eer ik besef dat de school bezig is. En, tegen het eind van elk schooljaar ben ik blij als ik op zijn minst weet hoe de kinderen hun leerkrachten heten. In welke klas ze zitten (5A, dan wel 5B, enz.) is dan weer iets wat ik nooit ga leren te onthouden, waarschijnlijk omdat deze kennis me geen enkele meerwaarde geeft in de opvoeding van mijn kinderen tot vlijtige schoolgangers.

Ook dit jaar, nu het schooljaar op zijn einde loopt en ik volgende week mijn laatste kleutertje in een reeks van 4 ga zien afzwaaien om zich op te maken voor de lagere school, besef ik plots dat er weer een jaar voorbij is. Een klein presentje voor de 5 leerkrachten ligt klaar en wacht om ingepakt te worden… en ik kijk ernaar uit op dat vlak de jongens hun boekentassen voor de komende 2 maanden op te bergen. Nu ja, opbergen is in deze context allicht eerder te interpreteren als “weggooien”, gezien ze er elk jaar opnieuw in slagen van hun boekentassen tot op de draad te verslijten… en dat al tegen oktober-november, zodat sommige van mijn kinderen al aan de 3de boekentas van dit schooljaar zitten.

Een (school)jaar is voorbijgevlogen. En, vooral dat laatste half jaar had best wel héél wat trager mogen lopen… Mijn hippe mama, die sinds november palliatieve zorgen krijgt en meer opiaten in haar lijf heeft dan een junk, is aan haar definitieve descente bezig. De voorzichtige prognose van toen (een half jaar tot een jaar) begint meer en meer op de voorgrond te komen, nu dat eerste half jaar er opzit… Ze is een zomermens en zo gezien zou het heel erg fijn zijn als we haar nog enkele maanden zon en bloemen konden schenken, maar helaas is dat niet aan ons en kunnen we alleen maar lijdzaam toezien op de aftakeling en het verval… Complete shut-down in progress…

Ik ga de zomervakantie dus in met zeer gemengde gevoelens en wou dat ik de tijd eerder “on hold” had kunnen zetten. Ook had ik mezelf willen klonen, om de ene versie van mij naar het werk te sturen, zich te bekommeren om huis en kinderen, zodat mijn andere ik gewoon dagelijks bij haar kon zitten om nog wat te lachen. Want, dat is wat we doen! We lachen… omdat huilen toch geen bal verandert en het zonde van de tijd zou zijn om ze te vullen met neerslachtigheid en verdriet. Maar, net zoals de tijd kan je ook je verdriet geen rationele halt toeroepen, omdat er toch momenten zijn waarop het de bovenhand neemt en in een coup gewoon de macht grijpt.

Gezien ik me niet kan klonen (wat misschien beter is, gezien me één Cora al meer dan voldoende lijkt) heb ik er dus een opgave van gemaakt om ervoor te zorgen dat ik het allemaal in één ik gecombineerd krijg: de verschillende dagvullende zaken die móeten (werk, huishouden, kinderen), tijd te maken voor mama in de mate van het mogelijke (gezien ze na 18 u helaas te verzwakt is om bezoek te ontvangen of uitgebreid aan de telefoon te keuvelen)… en om een positieve en optimistische houding en verdriet in hetzelfde hoofd plaats te geven. Vooral dat laatste blijkt een moeilijke: de ene dag ben ik wild-enthousiast om het verjaardagsfeest dat we binnen 4,5 weken (34 dagen om precies te zijn) voor haar in elkaar steken, terwijl ik daags erop in tranen naar de begrafenisondernemer bel om een afspraak te maken en het één en ander (in opdracht van mijn papa) alvast te bespreken en te bekijken. En, 2 seconden nadat ik van mijn vader haar laatste nieuwe bloeduitslagen heb binnengekregen (informatie die wij willen hebben, maar waar ze zelf niks mee te maken wil hebben, omdat ze zichzelf niet wil deprimeren) bel ik haar op om lachend en positief even bij te praten aan de telefoon en haar te laten weten dat ik straks na het werk even langskom… Niet lang, een half uurtje, omdat ik haar niet te zeer wil vermoeien tegen de avond.

Het moet gezegd: overdag lukt het me allemaal behoorlijk. Maar, ik ben bang voor de nachten, omdat Verdriet dan telkens weer mijn gedachten inneemt, als een gruwelijke beul, die op de loer ligt tot ik en mijn optimisme slapen. Theoretisch zouden kortere nachten langere dagen moeten maken, wat in het kader van het stopzetten van de tijd een ideaal scenario zou kunnen zijn (meer tijd), maar in de praktijk valt dat vies tegen… Sinds enkele weken ging het thans wat beter op het vlak van slapen. Maar, recent voel ik me weer moe, afgepeigerd, futloos en leeg.

“Boeit me niks” uit het hedendaagse jeugdjargon begint dan ook een beetje mijn algehele “je m’en fou”-stemming te worden. En, ja, op zich zou ik me hiervoor moeten verontschuldigen bij de vrienden in mijn omgeving die met hun zorgen en problemen tijdelijk niet bij mij terecht kunnen, gezien mijn eigen nogal harde en botte relativiteitstheorie. Ik zou op alles momenteel kunnen/willen antwoorden: “En dan? Mijn mama gaat dood. Ik heb andere zorgen.” Of “Stop met klagen, ge zijt gezond en leeft nog!” Gelukkig tempert mijn fatsoen en degelijke opvoeding me hierin en zwijg ik dus.

Ja, ik zwijg behoorlijk veel de laatste tijd, omdat ik mijn tijd (die samenhangt met de tijd die mama nog rest) niet wil verkwanselen aan belachelijke futiliteiten die mijn tijd (en dus de hare) niet waard zijn. Ik erger me nu eenmaal aan banaliteit. Heb ik altijd wel gedaan, maar nu net nog dat tikkeltje meer… Het gekke is dat ik daarin meer en meer op mijn moeder begin te lijken, die dat ook enorm fel heeft, allicht gerelateerd aan bijna 20 jaar kankerstrijd… Dan leert een mens relativeren en prioriteiten herschikken.

Ook hierin besef ik dat time flies… Het 1ste onheilspellende kankernieuws is alweer 18 jaar en een maand geleden en ik herinner het me alsof het gisteren was. Het maakt dus blijkbaar niet uit of je fun hebt of niet, de tijd gaat gewoon haar gang en het is aan ons om er het beste van te maken, van die tijdsrollercoaster die een rotvaart gaat tot je stilstaat en “einde rit” door de luidsprekers hoort galmen. Hoe graag toch zou ik die rollercoaster even willen stoppen om net iets langer en intenser te genieten van het uitzicht, de lucht rondom mij en mijn medepassagiers.

Gezien dat niet gaat onderwerp ik me aan de kracht van de tijd, geniet van de herinneringen en leef met het besef dat time flies… en we dus maar beter fun kunnen hebben, gezien ze ook zonder fun een rotvaart gaat en ze om is, voor je het goed en wel beseft.

Carpe diem…

donderdag 16 juni 2011

De afvalrace…





Neen, dik ben ik zeker niet. Maar – ik ben daar eerlijk in – 10 maanden relationele context hebben niet alleen een weerslag gehad op mijn wederhelft zijn omvang, maar laten nu ook bij mij sporen na, die ik liever kwijt dan rijk ben.

Samen eten, voor elkaar koken, gezellig voor TV knabbelen… Het is nu eenmaal zoveel fijner om dat met z’n 2-en te doen, dan wanneer je in je uppie ’s avonds je snel bij elkaar gegooide maaltijdsalade naar binnen werkt of gewoon “vergeet” te eten. De feestdagen (een mens heeft dat extra vetlaagje toch wel nodig in de winter) en Pasen dat zich net iets sneller en rijkelijker presenteert dan je dacht, de lentefeesten en communiebuffetten… neen, slanker word je er écht niet van…

Pas op, ik klaag niet, hè. Een dik jaar geleden was ik toch wel aan de behoorlijk magere kant (spijtig dat je dat telkens weer pas achteraf beseft als je jezelf op foto’s terugziet), daar waar ik nu “normaal” ben. Maak je niet dik, dus! Maar, helaas is mijn kledij niet meegegroeid van maatje 36-38 naar maat 40. Het is dus allemaal spannend… letterlijk dan!


Och ja, 5 kilo valt nog mee: elke love-handle 1 kilo, wat dus (gelukkig) slechts 2 maakt, elk been nog eens een kilo te struis en dan nog 1 kilootje dat zich her en der verspreid heeft vastgezet. Als je bedenkt dat een rookstoppoging me telkens met 7 kilo extra opzadelde, dan is het relationele overgewicht nog in balans. Maar, om niet weg te zakken in een comfortzone van onverschilligheid, heb ik besloten de koe bij de horens te vatten en magerdere tijden tegemoet te gaan… Als ik nu een gigantische snoeper was, dan wist ik wat te laten. Als ik gefrituurde dingen at, dan wist ik wat te schrappen. Maar, ik doe niks van dat en eet best wel bewust, gezond en afwisselend, ook al zou ik de hoeveelheden water kunnen opschroeven van niks naar pakweg 3 liter per dag. Water dus… Ik zou de sauzen kunnen schrappen, de aardappelen (zeker in opgebakken toestand) aan de kant kunnen schuiven en een fruitpauze kunnen inlassen. Ik zou op geregelder tijdstippen kleine porties kunnen nuttigen, ipv me 1 maal daags tegoed te doen aan culinaire overdaad.

De laatste paar weken en maanden heb ik dus vooral stilgestaan bij wat ik “zou” kunnen doen. Niet alleen op het vlak van voeding, maar uiteraard ook op het vlak van lichaamsbeweging, die hand in hand gaat met een slank en gezond lijf: ik zou dus die nieuwe loopschoenen die ik al 3 jaar thuis heb staan kunnen uithalen en effectief aandoen om het op een kort loopje te zetten, bij voorkeur dagelijks, ik zou kunnen gaan zwemmen op dinsdagavond, ik zou een abo aquamotion kunnen nemen en zou terug kunnen gaan powerplaten… Mentale voorbereiding dus… en dat eigenlijk al van in december (wat bij deze in één slag de mythe van de feestdags-, paas- en communiekilo’s ontkracht en de stelling van de relationele kilo’s bevestigt ;-) ).

Gisteren mailde ik nog eens met een jeugdvriendin van me die in Duitsland woont en die (sorry, liefste vriendin) behoorlijk overgewicht heeft en de laatste jaren echt wel zwaar gebouwd is, ook al kende ik haar als slanke tiener. Ze wil de komende 2 jaar maar liefst 40 tot 50 kilo afvallen. Wauw! Daar werd ik even stil van… Mijn 5 kilootjes zijn daar een kruimeltje peanuts tegen, daar waar zij een ganse notenboom te verzetten heeft. Spontaan vertelde ze me dat ze al 11,4 kilo “kwijtgespeeld” was, een verlies waar ze terecht geweldig trots op was. Tja, dan wil ik natuurlijk wel weten hoe (inherente vrouwelijke nieuwsgierigheid), gezien dat verlies zich manifesteerde op luttele 5 weken tijd! Een poedertje dat je in water mengt en dat als proteïnevervangmaaltijd je metabolisme helpt met vetverbranding, zonder spieraantasting. Je hebt geen honger, voelt je fit en hebt niet het gevoel te diëten, terwijl de kilo’s eraf vliegen… Als kritische mens moet ik toegeven dat ik niet in sprookjes geloof. Maar, haar oprechte getuigenis deed me eerlijk gezegd toch wel snakken naar proefondervindelijke vaststellingen, volgens de leuze “eigen lijf eerst”.

Ik heb me dus maar ineens 2 dozen besteld, gezien dat spul enkel en alleen in Duitsland te krijgen is. Op 10 juli weet ik dat ik alvast 30 euro lichter ben, gezien 1 doos zo’n 15 euro kost en ik er allicht een week mee toekom. Genoeg dus om gedurende 2 weken te kijken of die extra kilo’s die mijn broeken doen spannen spontaan gaan verdwijnen als ze mij met mijn poedertje zien afkomen…

Doelstelling is van tegen eind juli 5 kilo minder in de weegschaal te werpen en – zoals het spul belooft – vol energie supergemotiveerd te zijn en er dan blijvend werk van te maken dit gewicht te stabiliseren en te onderhouden. Geen jojoën, geen verlies aan spiermassa en hopelijk ook de energie om al de “zou’s” om te zetten in effectieve en efficiënte actie. Want, van sprookjes alleen blijf je natuurlijk niet slank.

To be continued….

Info op http://valtaf.be/dieet/861/almased en http://www.almased.de/



ALMASED VITAAL VOEDING

Dieet voor meer energie:

Het Almased®-dieet is anders dan de meeste diëten, omdat het niet tegen maar met uw lichaam meewerkt. De meeste andere methodes, die uitsluitend gericht zijn op gewichtsafname, verminderen het lichamelijke en geestelijke welbehagen. Dat is heel anders bij het Almased®-dieet. Een van de belangrijkste bouwstenen van het Almased®-dieet is Almased® Vitaal Voeding. De basisstoffen van deze unieke receptuur zijn soja, melk (probiotische yoghurt)en vloeibare honing, die rijk is aan enzymen. Een bijzonder productieproces verbindt de componenten van deze receptuur.Met de ondersteuning van Almased® Vitaal Voeding valt men tijdens het dieet niet alleen meer af dan met een dieet zonder Almased®, maar men voelt zich bovendien ook fit en vitaal.


Het Almased®-dieeteffect: stimuleert de stofwisseling, hogere vetverbranding, vitaliteit en fitheid. Dat klinkt allemaal ongeloofwaardig, maar het glansrijke succes van het Almased®-dieet is nu officieel bevestigd.


Het succes van het Almased®-dieet is wetenschappelijk bewezen.Bij een voedingswetenschappelijk onderzoek van de universiteit van Freiburg(D) zijn verschillende dieetmethodes met elkaar vergeleken. Het Almased®-dieet bleek verreweg het meeste effect te hebben.


Er werd eveneens bewezen dat het Almased®-dieet de productie van de hormonen leptine(het slankheidshormoon), cortisol(het stresshormoon) en insuline(het hormoon dat het suikergehalte in het bloed verlaagt) op positieve wijze beïnvloedt. Deze hormonen spelen onder andere een belangrijke rol bij de regeling van het verzadigingsgevoel in de hersenen en bij de vetverbranding.

Tegen het jojo-effect:

Na een dieet schiet het gewicht vaak weer omhoog, omdat de stofwisseling niet direct weer kan overschakelen op »normaal bedrijf«. Om dit gevreesde jojo-effect te voorkomen, moet u uw lichaam te slim af zijn en ervoor zorgen dat uw lichaam ondanks een verminderde toevoer van calorieën de stofwisseling volledig in stand houdt. In dit verband is het belangrijk dat de schildklier met dezelfde activiteit verder werkt, zodat de basisomzetting niet vermindert. De research van Almased® heeft bewezen dat de schildklierhormonen tijdens het Almased®-dieet met onverminderde kracht verder werken of dat hun activiteit in de fysiologisch gewenste sector zelfs wordt geoptimaliseerd.De stofwisseling blijft volop draaien


Het speciale productieproces van Almased® garandeert dat de waardevolle eiwitten uit soja en probiotische yoghurt samen met de honing die rijk is aan enzymen, worden gesplitst in eenvoudig te verwerken aminozuren. Zo zijn ze snel beschikbaar voor het lichaam, de stofwisseling blijft volop draaien en de vetvoorraden verbranden ongeveer 40% sneller dan bij gebruikelijke reductiediëten. En omdat uw lichaam krijgt, wat het nodig heeft, blijven de spieren behouden. Dat is belangrijk, want hoe meer spieren er aanwezig zijn, des te meer vet wordt er door het lichaam verbrand.


Het Almased®-dieet is in vier fasen verdeeld:


1. De startfase

Dit is de strengste fase. Op deze dagen gebruikt u naast een vloeibare maaltijd (bijv. gepureerde groentesoep) uitsluitend Almased® Vitaal Voeding. Zo wordt uw lichaam optimaal voorbereid op de aanpassing van de stofwisseling.'s morgens - 's middags - 's avondsHet is belangrijk dat er tijdens de startfase uitsluitend vloeibaar voedsel wordt geconsumeerd.


2. De reductiefase

Deze fase leidt tot een gezond, continu gewichtsverlies. In deze fase worden dagelijks twee maaltijden vervangen voor Almased® Vitaal Voeding.Tijdens de reductiefase mag geen fruit gegeten worden: ook fruitsuikers leiden tot de opslag van vet en tot vertraging van het succes van het dieet. Deze fase dient ongeveer zes weken te duren.


3. De stabiliteitsfase

Deze fase helpt het lichaam om additioneel het nieuwe gewicht duurzaam te behouden en langzaam verder gewicht te verminderen, zonder jojo-effect. Gedurende een periode van 18 weken wordt nog slechts één maaltijd per dag vervangen door Almased® Vitaal Voeding.4. De »levensfase«Houd uw stofwisseling ook buiten het dieet met Almased® actief. U zult merken dat u graag beweegt en met meer energie aan uw dagelijkse taken begint. Ook uw huid, haren en nagels zullen u dankbaar zijn. .Belangrijk! Als aanvulling veel water, dat rijk is aan minerale stoffen, drinken (ten minste 2 liter per dag).


Almased® Vitaal Voeding levert belangrijke bestanddelen van een gezonde en uitgebalanceerde voeding in een geconcentreerde en praktisch te gebruiken vorm. Het Almased®-dieet verhoogt aantoonbaar de lichamelijke power en zorgt daardoor voor optimisme en levensenergie. Daar komt nog bij dat het dieet eenvoudig is uit te voeren: men hoeft geen calorieën te tellen of gecompliceerde maaltijden te bereiden. Het Almased®-dieet leidt vanaf het begin tot een zichtbare gewichtsafname en geeft zo meer motivatie om door te gaan.

woensdag 15 juni 2011

Trippin’…

… down memory lane!

Afgelopen weekend was ik uitgenodigd op een verjaardagsfeestje. Een kameraad die 40 werd. Op zich weinig spectaculair, hoor ik u al denken. Maar, het was toch anders deze keer…

Die kameraad is een “oude” jeugdvriend, waar ik zo’n 18 jaar geleden eens een zomer mee heb doorgebracht. Neen, niet mét hem, maar wel met zijn vriendenkliekje.

Beginnen bij het begin… Ik ben dus opgegroeid in Grasheide, een gehucht dat deel uitmaakt van Putte bij Mechelen en op de grens Antwerpen-Brabant (toepasselijk Grensstraat genoemd) geprangd ligt tussen Keerbergen (mondain Brabants villadorp) en Putte (zéér landelijk Antwerps dorpje). Als buitenlanderkind in Grasheide was ik noch van katholieke oorsprong, noch was ik familie van eender wie in dat dorp, waar iedereen wel verwant met elkaar schijnt te zijn, zodat het voor mijn ouders een beter keuze leek me naar de staatsschool in Keerbergen te sturen – het Atheneum, kortweg KAK, gelegen aan het meer van Keerbergen, pal in de chique villabuurt – dan me naar het katholieke dorpsbasisschooltje te laten gaan, waar we sowieso uit de toon zouden vallen als niet-Vlaamsche-atheïsten (hoewel we toen nog protestantse godsdienst volgden, maar dat verhaal zou me te ver leiden).

Het Atheneum dus… Je ging er van je 2,5de tot je 18 werd en ging studeren… en in mijn geval dus 65 kilometer verder in Hasselt zou blijven plakken. Maar, tot het zover was zat je dus in die mondaine eliteschool (want, dat was ze toen nog) tussen kinderen van diplomaten en ander rijkeluisgespuis, die maar al te graag neerkeken op al wat niet in Keerbergen woonde… We vielen dus schijnbaar ook daar uit de boot, gezien we in boerengat Grasheide woonden.

Nu, het was niet allemaal verstotenis en kommer en kwel. We hadden er heus ook wel vrienden, vaak zelfs vrienden die ook uit Grasheide kwamen en om god-weet-welke-redenen in Keerbergen naar school gingen, ook al was dat bij velen pas het geval in het middelbare onderwijs, gezien de dorpsschool in Grasheide maar tot het 6de leerjaar ging en ze vanaf dan in Keerbergen naar Het Atheneum moesten of naar de katholieke middelbare school, die meer in de dorpskern van Keerbergen lag. Beide scholen konden elkaar niet luchten, maar ook die rivaliteit is een verhaal voor een andere keer.

Terug dus naar het Atheneum, waar best wel wat mensen van Grasheide zaten ondertussen. Ik was een jaar of 11 en had een nieuwe beste vriendin, die even oud was en toevallig één straat verder woonde, in Grasheide. Zij en haar 4 jaar oudere tweelingsbroers reden dagelijks met de fiets die 5 à 7 kilometer naar school, terwijl mijn jongere zus en ik op mama’s taxidiensten konden rekenen (we hadden nu eenmaal bezorgde ouders en mama had als geëngageerde huismoeder het “brengen en halen” van de kinderen dan ook als één van haar taken, tussen haar drukke bezigheden in huis en tuin). Het werd gauw herfst en het durfde al eens regenen ’s morgens en/of ’s avonds, zodat mama met haar groot moederhart ook mijn vriendin en sporadisch haar broers meenam met de auto.

De broers, toen rond de 15, vonden het wel leuk zo’n jongere zus en haar vriendinnen, die thuis kwamen en hun puberende hoofden zot maakten. Zo gebeurde het dan ook dat één van beiden – eerst voor de grap – liefdesbrieven naar me begon te schrijven. Na enige tijd “vroeg hij het aan” en had ik dus mijn allereerste relatie te pakken: ik 11, hij 15. De eerste innige kussen volgden al gauw, wat niet helemaal naar de zin van mijn vader was, zodat de “relatie” geen lang leven beschoren was… De vriendschap tot hun zus was ondertussen ook wat bekoeld, wegens andere interesses, zodat we gewoon schoolkameraden bleven zonder meer. De brieven van hem heb ik thans nog steeds… Dat is op zich een goed teken, want ik heb tijdens een emotionele razzia ooit eens alle brieven die me deprimeerden (van relaties waar ik een slecht gevoel aan overgehouden heb) zonder enige schroom in de vuilbak gekieperd en alleen nog die correspondentie bewaard van mensen waar ik met een blije gedachte aan kon terugdenken en waarbij ik een egoboostend gevoel kreeg als ik de brieven eens om de zoveel jaren opnieuw doornam.

Ik ging dus na mijn middelbare schooltijd in Hasselt studeren. Ik weet niet meer juist hoe of waarom, maar ik kwam de tweelingsbroer van mijn eerste vriendje terug tegen (allicht in het weekend als ik bij m’n ouders thuis was) toen ik al in Hasselt studeerde, bijna op het einde van het 1ste jaar. Hij was van zijn “high school sweetheart” vanaf en we konden het wel met elkaar vinden en werden heel erg close vrienden. Hij bezocht me eens in Hasselt en we zouden de komende paar maanden vaak samen rondhangen als ik in het weekend thuis was. Die zomer is er eentje geworden om in te kaderen… Ik moest 19 worden, was gebuisd in mijn eerste jaar (niet omdat ik te lui was of teveel feestte, maar omdat mijn mama toen voor het eerst aan kanker geopereerd werd, de week dat “de blok” begon en ik verondersteld werd te leren, maar toen plots een huishouden en puberende zus op m’n dak kreeg) en vond het maar al te leuk om met die bende kerels, die allemaal ca. 4-5 jaar ouder waren dan ik en deels al werken gingen, op te trekken. De eerste zomer dat ik thuis geen uur kreeg waarop ik moest thuis zijn en de dansvloeren van lokale discotempels Rio (Sint-Kathelijne-Waver) en La Rocca (Lier) onveilig maakte tot in de vroege uurtjes… Ook werd ik verliefd… Neen, niet op mijn best buddy (de tweelingsbroer van mijn eerste liefje), maar op één van zijn beste vrienden… Hij had de looks van Tom Cruise, het haar, de blik… en de gestalte en was dus een ganse kop kleiner dan ik, maar dat deerde me niet. We hadden een super zomer: de mannen en ik! Zo’n zomer om in te kaderen, om vast te houden, te koesteren en nooit meer los te laten… Maar, aan alle zomers komt een einde…

Ik ging terug naar Hasselt studeren, zag de weekendrelatie thuis ook niet meer zitten, begon me te ergeren aan het dwingende en beklemmende van het “gebonden zijn” (want zo heeft het altijd gevoeld voor mij). Hij kon soms nogal jaloers uit de hoek komen. Neen, niet ziekelijk, maar eerder zwijgend en fronsend… Nu, het was niet alleen dat... Ik vond het stiekem eigenlijk ook veel leuker om met mijn beste vriend op te trekken dan met mijn lief (ook al waren we meestal één leuke bende bij elkaar), ik had hem graag en zag hem graag (hij was dan ook de tweelingsbroer van…) en had al maanden een soulmate in hem gevonden. Tijd dus om de bestaande relatie te beëindigen en even te bezinnen en te laten bezinken. Want, rommelen in een vriendenkring is geen goed plan! Met pijn en verdriet in het hart liet ik “Tom Cruise” staan en ging ik naar Hasselt terug…

Mijn best buddy zou me thuis nog een keer komen ophalen, om naar het relatie-exit-verhaal te luisteren en me zijn troostende schouder aan te bieden, me te vertellen hoe het met “Tom Cruise” ging na de breuk met mij… en om me te zeggen dat hij een meisje had ontmoet. Damn, die had ik niet zien afkomen! De ganse zomer was hij vrij als een vogel geweest, hadden we plezier gemaakt met de mannen… en nu had hij plots een lief?!

Op zich had ik daar nog wel mee kunnen leren leven, want ik wilde gewoon dat ie gelukkig was. Maar, zijn vriendin bleek van het enorm jaloerse type te zijn, zodat de vriendschap tussen hem en mij heel gauw stierf. Ja, het verlies van die vriendschap heeft me eigenlijk jarenlang bezig gehouden… Ik vond het spijtig, miste hem.

Nu ja, de jaren verstreken… Tom Cruise was kort na de relatiebreuk met mij een relatie begonnen met mijn toenmalige vriendin, de zus van best buddy en ex-liefje. Een zeer succesvolle relatie, want bijna 18 jaar later zijn ze nog steeds samen, gelukkig getrouwd, 2 zonen. Best buddy is ook nog steeds bij zijn vriendin van toen (getrouwd, 3 kinderen)… en alleen ex-liefje heeft het na diverse mislukte relaties en een vrij snel gekelderd huwelijksbootje op relationeel vlak nog niet veel verder gebracht en is nu, rond zijn 40ste voor het eerst vader geworden, maar is nog steeds alleen (geen stabiele relatie of huwelijksverband dus).

Hoe ik dat allemaal weet? Want, ons scheiden niet alleen jaren, maar ook kilometers…

Wel, een 2-tal maanden geleden op I love the 90’s kwam ik in de VIP een vriend uit ons kliekje van toen tegen. Hij is nog steeds vrijgezel, geniet met volle teugen van het leven en komt dan ook eens naar Hasselt om op stap te gaan… Hij was allicht even verbaasd als ik dat we mekaar daar zouden tegenkomen, 18 jaar later. Maar, het weerzien was van een hartelijke en uitgelaten soort, wat wel eens kan gebeuren als beide partijen al sloten champagne achter de kiezen hebben (het was dan ook de VIP!)… Hij nodigde me prompt uit voor zijn 40Ste verjaardag… in Keerbergen… in het café waar ik tijdens mijn middelbare schooljaren geregeld de middagpauzes doorbracht (uiteraard zonder medeweten van mijn ouders, die veronderstelden dat we braaf op school bleven eten elke middag, wat we meestal ook wel deden).

Ik beloofde hem dat ik zou afkomen… En, als ik zoiets zeg, dan doe ik dat ook! Babysit geregeld, afgelopen zaterdagavond de auto ingesprongen (ventje mocht BOB zijn, zodat ik me kon amuseren), 65 km gereden tot Keerbergen… Het café zag er nog steeds hetzelfde uit, alleen de kleur op de muren was anders en de vloer was ondertussen vervangen. Ik werd er hartelijk en met open armen ontvangen. Na de eerste babbel riep hij naar de andere kant van de toog op iemand, een man, grijs haar, met bril. Pas toen hij vlak voor me stond had ik door dat het ex-liefje was, de man die me 25 jaar geleden voor het eerst op de mond kuste, in mijn herinnering nog steeds met zwart haar, maar duidelijk grijs nu. Een half uurtje later kwam Tom Cruise en mijn vriendin-die-nu-zijn-vrouw-is aan: hij kalend en diverse kilo's aangekomen, zij nog steeds hetzelfde, maar dan met iets minder jeugdige kledij aan… Dan krijg je de traditionele “smalltalk”: hoe het met de kinderen gaat, hoeveel het er ondertussen zijn, waar ze nu zijn, enz. Voor alle duidelijkheid: dat is niet mijn soort van cafégesprekken, maar ik pas me aan… Wel, hun 2 jongens zijn bij de oma… Ze doen dat zo eens een keer of 2 per jaar, om eens samen uit te gaan eten ’s avonds. Euh, pardon? Waar hun broer (former best buddy) is? Ah, die is thuis bij vrouw en kinderen. Euh, pardon, zijn vriend wordt vandaag 40?

Plots besefte ik dat dit café er al 18 jaar hetzelfde bij ligt, met dezelfde muziek zelfs, in een dorp dat ik 18 jaar geleden ontvlucht ben… omdat het te klein en te eng voor me werd… en nog steeds is. Ik zag de vrouwen op sportschoenen en ballerina’s aan hun spa bruis lurken en besefte plots iets. Ik besefte dat ik op mijn high heels met de sigaret in de ene hand en de cava in de andere hand nooit echt in dit plaatje van Vlaamsche kleinburgerlijkheid gepast heb en dat een trip down memory lane leuk is… voor eventjes.

Na 2 uren gaf ik het jarige feestvarken een heel dikke en welgemeende knuffel, nodigde ik hem uit om eens naar Hasselt te komen feesten (want, dat kan hij als geen ander) en wenste ik iedereen een fijne avond toe, nadat we telefoonnummers uitgewisseld hebben om dan richting Hasselt te zoeven en daar naar “mijn café” te gaan en er nog even te acclimatiseren tussen de niet gehuwden, de caféhangers, de opgemaakte vrouwen met decolletés en hakken, de vrijdenkers, de drinkers en rokers...

donderdag 19 mei 2011

Kattenkwaad

Mijn kat… Trees (de verkorte vorm van “Trezebees”) is haar naam en ze woont nu 2,5 jaar bij ons in, nadat ik haar op een kille woensdagnamiddag in december in het Dierenasiel van Sint-Truiden ben gaan halen… betaald met de 50 euro die Sinterklaas had achtergelaten, tesamen met een brief van de Sint, waarin hij ons verzocht met het geldgeschenk een kat te gaan halen.

Trees dus… In het asiel zaten die dag behoorlijk veel katten en ik mocht van de verantwoordelijke (na het invullen van een zeer uitgebreide vragenlijst voor “kandidaat-adoptanten”) een kijkje gaan nemen. Het was mijn eerste bezoek aan een asiel en los van de dieren die er voor wat kabaal en rumoer zorgden was het er enorm druk. Ik wandelde langs grote “kamers” met allemaal kittens en katten in die bij elkaar zaten en langs gangen met een heleboel kooien, waar individuele katten in zaten. De ene was al wat nieuwsgieriger als de andere, maar allemaal keken ze me met trieste vragende ogen aan. Althans, dat was mijn perceptie… Sommige katten bliezen als je langs hun kooi kwam en zagen er weinig aangename huisdieren uit.

Eentje bekeek me, maar bleef eigenlijk gewoon liggen en kwam niet klagend miauwen. Ze was mooi… Ros met zwart en ze had een “wijze” snoet. Ik was op slag verliefd, omwille van haar terughoudendheid en de toch wel lieve indruk die ze maakte. Haar moest ik hebben! Ik ging naar de verantwoordelijke en zei dat ik mijn keuze gemaakt had. “Oh, Mevrouw, die katten die apart in die kooien zitten, zijn eigenlijk ziek en mogen nog niet mee. Hebt u geen kat gevonden in de grote kamers, waar ze allemaal bij elkaar zitten?” Neen, ik wilde DIE en geen andere. Bleek dat de kat gevonden was en naar een veearts in Tongeren gebracht was, die haar dadelijk gesteriliseerd had en nu bleek ze een kwalijke verkoudheid te hebben, waardoor ze aan de antibiotica zat.

Ze moest nog 2 dagen haar pilletjes nemen en als ik beloofde dat ze die zou krijgen, dan kreeg ik haar mee.

Een uurtje later stond ik dan ook aan de kinderopvang, met de kat in een draagmand op de passagierszetel om mijn 4 jongens in de buitenschoolse opvang op te pikken, zodat we allemaal samen Trees thuis konden verwelkomen.

Echt schuw was ze niet, maar het geweld van 4 enthousiaste kinderen tussen de 3 en de 8 jaar deden haar even afwachtend kijken, vanonder de livingkast, waar ze zich verschanst had. Even later kwam ze er al onderuit en liet ze de kinderen toe haar te aaien en te borstelen. Vanaf dat eerste moment thuis zag je dat zij het naar haar zin had en waren wij blij met haar komst.
Ze bleek een rustige kat te zijn, een heel erg lieve, die eigenlijk geen kattenkwaad uithaalt en ongeveer 90% van de tijd ergens decoratief ligt, wat bij je komt liggen en gewoon lief is.

Toen ik enkele maanden later naar de veearts moest voor haar vaccinaties, bleek dat ze “ruis” op haar hart had en dat de sterilisatie niet goed was doorgevoerd, waardoor ze een breuk had, die op zich niet erg was, maar in de gaten gehouden diende te worden. De dierenarts sprak me toen al voorzichtig van de mogelijkheid te opereren, maar daar had ik eerlijk gezegd weinig zin in.

Het jaar erop was die ruis er niet meer en bleek die breuk ook stabiel. Ze kreeg haar vaccinaties en we waren er weer voor een jaar vanaf.

Bij haar vorige vaccinatie, enkele weken geleden, bleek dat ze een gezwel had achter haar voorpoot, zo groot als een halve walnoot. Het woord “opereren” viel nog maar eens… Maar, met een palliatieve moeder en heel veel zorgen en verdriet aan mijn hoofd, was dat zo ongeveer het laatste wat ik me nu nog op de nek wilde halen. “Of we niet kunnen afwachten en zien of het erger wordt?” Ja, dat zou kunnen, maar de dokter diende me erop te wijzen dat opereren een optie is. Allicht wel, gezien dat voor hem “kassa-kassa” is. (Ja, mijn beeld over alles wat medisch hoog geschoold is, is nogal negatief getint)

Ik zou dus afwachten… Tot ik deze week, slechts 2 maanden na het vorige veeartsbezoek, vaststelde dat die knobbel ondertussen de grootte van een mandarijn heeft en strak gespannen onder haar vel zit. Niet goed dus :-(

Telefoontje naar de veearts die zelf niet aanwezig was leverde me een afspraak voor een onderzoek op, ergens volgende week. Na dat onderzoek zouden we dan een afspraak maken voor een eventuele operatie, die mijns inziens onvermijdelijk is nu.

Daarnet rinkelde de telefoon. Het bleek de dierenarts te zijn, een vriendelijk man. Hij had het verslagje van zijn assistente gelezen en vond het geen goed idee om Trees een week te laten wachten en me op te zadelen met 2 verplaatsingen naar hem (zeer alert van hem, gezien Trees echt niet happig is op dat jaarlijkse bezoek aan zijn praktijk). Of ik haar morgen niet kan langsbrengen; hij zou haar dadelijk opereren.

Ondertussen maak ik me al lang niet meer druk over de eventuele kosten, die wel eens hoog zouden kunnen oplopen. Want, een kat laten afzien (ook al is ze niet “ziek”) is niet mijn ding… en haar laten inslapen omdat ze een knobbel heeft die me een pak geld gaat kosten gaat me al helemaal niet af.

Nu ben ik dus bezorgd. Heel erg zelfs… Wat als ze haar morgen “opendoen” en dan moeten vaststellen dat het veel te erg is? Wat als ze de operatie niet overleeft? Wat als er complicaties optreden? Wat als ze na een herstelperiode gaat hervallen of alsnog sterft?
Ik ben er me bewust van dat het om een dier gaat en niet om een mens. En, ik besef ook goed dat we haar ooit moeten “afgeven”. Maar, ik zou het vreselijk vinden als dat nu, na 2,5 jaar samen al het geval zou zijn. De kinderen zijn enorm aan haar gehecht, ik ben dol op die rosse pluisbol en mijn vriend is al helemaal haar lieveling (Trees heeft het nu eenmaal meer op mannen dan op vrouwen)…

En, ja, haar timing is ook niet echt ideaal - ook al heeft ze dat zelf niet in de hand – gezien ik momenteel weer met een bang hart afwacht wat mijn mama haar maandelijks nazicht in het ziekenhuis allemaal gaat opleveren aan “ongewenste verrassingen”…

Dus, Trees, doe me een lol en laat het een goedaardige cyste zijn en herstel wel na je operatie van morgen, waarbij ze dan ook ineens je breuk terug kunnen dichten. Want, wat moet ik in godsnaam tegen Sinterklaas gaan zeggen als hij je deze winter niet meer aantreft….

maandag 16 mei 2011

Finaledag Conti 4x4 Trophy






















De finaledag van de Conti 4x4 Trophy zit erop… En, neen, we zijn niet bij de 14 teams die hun koffers pakken voor Marokko en er volgende maand door de Sahara en het Atlasgebergte cruisen in Hummer H3’s.

Helaas? Bwah, ik weet het niet. De finaledag was alvast super-leuk en van A-Z netjes en mooi uitgewerkt. Aan alles was gedacht, zodat we de ganse dag voorzien waren van eten, drinken, sanitaire voorzieningen (belangrijk als je in een zandgroeve in the middle of nowhere zit), goed uitgewerkte proeven en ruime timings om deze af te leggen.

Onze dag was alleszins rijk gevuld… ’s Ochtends zijn we tijdig opgestaan om te kunnen genieten van een lange douche. Voorzien van outdoor-schoeisel, comfortabele kledij en een rugzak zijn we dan richting Chaumont-Gistoux gereden, op 65 km van Hasselt, via de “gewone” weg Sint-Truiden, Tienen, Jodoigne. Een ruim uurtje later kwamen we er aan, een half uur te vroeg, maar toch niet de eersten. Enkele Waalse teams stonden ook al aan de zandgroeve klaar om hun geluk te beproeven.

Een ontbijt stond al klaar in de grote tent en nadien konden we ons op het gemak gaan aanmelden en onze opdrachtenkaart gaan halen, waar ons dagprogramma op vermeld stond. Samen met nog een Vlaams team uit Roeselare en 2 teams uit Wallonië vormden we de “witte groep”, die de hele dag samen zou zijn om dezelfde proefvolgorde af te leggen. Met het koppel uit Roeselare klikte het direct en amuseerden we ons wel. De 2 Waalse heren waren dan weer geheel op zichzelf en het Waalse jonge koppeltje was ook niet dadelijk geweldig sociaal, ook al spraken ze prima Nederlands. Ik vermeld dit omdat de sfeer in de groep er helaas geen was van een sterk team van 8 personen, maar eerder eentje van 4 Vlaamse en 2x2 Waalse deelnemers, wat het groepsgevoel niet echt ten goede kwam, ook al stelden we (het koppeltje uit Roeselare en wij) ons heel sociaal en open op. Nu ja, de taal zal er wel voor iets tussen gezeten hebben, allicht.



De eerste proef van de dag bestond er voor onze ploeg in een bandenwissel door te voeren op een jeep die in het diepe zand stond. Gezien mijn ventje dit beroepshalve doet, als we het diepe zand even buiten beschouwing laten, waren we op 5 minuutjes klaar en is hij aan het team uit Roeselare nog wat tips gaan geven. We kregen er van de mensen van Continental nog wat tips mee over hoe je een wagen terug uit het zand krijgt als hij vastzit en er nergens iets is om hem eruit te trekken (boeiende en onverwachte dingen geleerd dus). Want, het was geenszins een “race” om zo snel mogelijk zoveel mogelijk punten te scoren, maar het is de bedoeling dat je op die finaledag wat opsteekt, dat je veiligheid boven alles plaatst en men de kans krijgt je te leren kennen om zo tot een “ideale groepssamenstelling” van 14 winnende teams te komen. Het is dus zeker geen roekeloze dag auto’s door het zand rijden en gek doen…

We kregen ook een quiz mee, waar we de ganse dag tijd voor hadden en die we mochten invullen door “hulplijnen” te gebruiken, zodat tussen de proeven in er veel teams aan het sms-en en bellen waren naar het “thuisfront” om antwoorden voor hen op te zoeken. Het moet gezegd: we waren goed voorbereid! Mijn ventje weet héél véél over auto’s en kon dus de eerste 2 bladzijden vlot invullen (autotechnische zaken, bandenkennis, 4x4-wetenswaardigheden enz.). De volgende 2 bladzijden waren dan weer een kolfje naar mijn hand, gezien ik me écht wel heel goed voorbereid had: de betekenis van Marokkaanse woorden, vragen over de streek, het land, de koning, religie, politiek, geschiedenis, demografie, geografie, enz enz. We kenden die antwoorden bijna allemaal uit het hoofd (ik had er dan ook echt 2 weken op geblokt, alsof het een schoolexamen was), hebben 2 dingen thuis laten opzoeken en voor alle zekerheid nog enkele antwoorden dubbel gecheckt aan de hand van de map met info die ik had meegenomen.



Vervolgens de on-road proef met eigen wagen: een “bolletje-pijltjes”-kaart mee en 4 checkpoints die we moesten passeren “en route”. Leuk, gezien het mooie landschap en de eindeloos lijkende veldwegen die we passeerden. Eén checkpoint stond op “de verkeerde plaats”, zodat we onze ploegmaats onderweg toch geholpen hebben om de juiste plaats te vinden, daar er écht wel een foutje op de kaart stond.

Rond de middag stond er een frietkar met hamburgers klaar en konden we genieten van de warme middagzon terwijl we de andere ploegen in de gaten hielden bij het doen van bepaalde proeven die wij pas namiddag op het programma hadden staan. Tijdens de lunch werden er dan ook tips uitgewisseld, die nog van pas konden komen.

Het motivatiegesprek was een vlotte babbel met de organisatoren over “waarom” je mee wil, welk beeld je van de trip hebt, of je past binnen het profiel dat zij zoeken en of je sociaal en cultureel open-minded bent.

Nadien een “zandparcours” geblinddoekt rijden tussen paaltjes door (neen, uiteraard niet gewoon rechtdoor!), terwijl de co-piloot aanwijzingen geeft (ik dus!) – best wel moeilijk! Nadien een achterwaarts parcours (ditmaal niet geblinddoekt) tussen paaltjes door, uiteraard nog steeds in behoorlijk mul zand met ongelijke ondergrond. Best wel moeilijk, zo bleek. Want, het was dus duidelijk niet de bedoeling zoveel mogelijk paaltjes om te rijden, maar in één vlotte beweging de Land Rover te manoeuvreren, zonder te moeten corrigeren. Leuk, dat wel. :-)

Het meest leerrijke deel van de dag waren ongetwijfeld de 5 proeven van de Land Rover Experience, hoewel “proeven” een beetje sterk uitgedrukt is. We werden wel beoordeeld op vaardigheid en “gezond verstand”, maar kregen ook de kans vragen te stellen, bepaalde zaken af te toetsen en te vergelijken met de standpunten van de experts. Het waren eigenlijk eerder 5 afzonderlijke leertrajecten, waarbij je behoorlijk wat uitleg kreeg en je tips & tricks meekreeg voor praktijksituaties, die we dan ook effectief uitgeprobeerd hebben in de zandgroeve: steile hellingen, steile afdalingen, kennis van de ondergrond, inschatten van (gevaarlijke) situaties, wagenbeheersing, stilvallen en achterwaarts vertrekken vanop een steile helling (zeer leerrijke proef, die ik nooit meer ga vergeten, omdat we daar iets geleerd hebben waarvan ik dacht dat het technisch onmogelijk was: motor uit en met achterwaartse versnelling op halverwege een steile helling starten zonder koppeling of rem!).

Voor alle duidelijkheid: ik voelde me goed in mijn rol als co-piloot en had zelf absoluut de drang NIET om ook achter het stuur te kruipen en heb mijn ventje zich dus maar laten uitleven aan het stuur van die peperdure 4x4’s, die binnenin meer van een luxe-limousine weg hebben dan van een jeep. Ik vond het prima op de achterbank om te luisteren, mee te denken en te redeneren. Dat is nu eenmaal mijn ding: theoriekennis opdoen, zonder echter alles in de praktijk te willen omzetten ;-)



De laatste test was de meest saaie, maar ook moeilijke: als dagafsluiter 45 minuten cartografie (België en Marokko)! Ja, wie herinnert zich niet de gradenboog en dingen als lengte- en breedtegraden, coördinaten, geoposities? Juist ja, geen kat die nog weet hoe dat allemaal juist in zijn werk gaat. Doe daar dan nog eens wat vermoeidheid bovenop en een broeierig warme tent waar muziek opstaat en de andere teams een tas koffie nuttigen en een stuk vlaai komen eten en dan weet je al dat dat uitmondt in een “blackout” van jewelste, gecombineerd met een gevoel van “Het is goed geweest voor vandaag!”. Ons hoofd stond echt niet naar wiskunde, regeltjes van 3, omrekenen naar graden, minuten en seconden. Na een half uur hielden we deze test dan ook voor bekeken, ook al schaamde ik me toch wel wat, gezien ik ooit 100% behaalde op cartografie… ook al is dat zo’n 19 jaar geleden.

De proeven zaten erop, in de kleine tent werd er druk gedelibereerd, terwijl de 28 teams gespannen zaten te wachten. Maar, de sfeer was goed. Er werd gelachen, onnozel gedaan om de tijd te doden en de spanning wat van ons af te lachen. Want, spannend was het wachten wel…
Tijdens het bekendmaken van de winnende teams hadden we al vrij snel door dat we er niet bij zouden zijn en stelden we ook vast dat van onze ploeg geen van de 4 teams mee naar Marokko gaat, wat maakt dat er ploegen bij waren die quasi integraal naar Marokko zullen reizen. En, ja, ook BV-deelnemer Frank Molnar en zijn vriendin zullen allicht bijna hun koffers aan het pakken zijn, gezien zij er wél bij zijn (ook al hielden die zich de ganse dag wat afzijdig en vielen ze niet echt op door teamspirit of groepsgevoel)… Maar, het is iedere deelnemer van harte gegund, ook al had ik ons dit vakantie-avontuur ook wel met plezier willen zien ondernemen.

Nu ja, uit 1.500 teams waren we bij de laatste 28, wat toch al een hele prestatie op zich is. En, de dag die we zaterdag mochten beleven was op alle vlakken een heel erg fijne, leuke en unieke ervaring. Een team professionals die je begeleiden en voorzien van de nodige kneepjes van het vak, de goede catering, toffe locatie, ongedwongen en niet echt competitieve sfeer, de zon die scheen… Het was ronduit een prachtige zaterdag… die voor herhaling vatbaar is!

Alle 14 "afvallers" kregen zaterdag dan ook te horen dat ze zich zeker opnieuw moesten inschrijven, gezien sommigen pas na de 2de of 3de finale effectief naar Marokko gaan. We zijn dus opnieuw ingeschreven… en hopen dat we alsnog in november dit jaar of volgend jaar in juni naar Marokko mogen…

Wil je ons steunen?
Word dan “fan” van team “Eatthissis” op
http://www.conti-trophy.be/nl/ via Facebook

donderdag 12 mei 2011

Regeltjes...




Mijn ouders - mama een West-Berlijnse en papa uit het Zuid-Oosten van Oostenrijk afkomstig – zijn redelijk vroeg het nest ontvlucht. Papa op zijn 17de al en mama rond haar 19de of zo. Hij trok de wijde wereld in, werkte in Zwitserland, Londen en Berlijn om uiteindelijk, als getrouwd man, samen met haar in België te stranden, nu alweer een jaar of 40 geleden.

België was toen nog een land dat in de verste verte niet leek op regeltjesland Duitsland. In België mocht veel en kon eigenlijk alles, toen. In het dorpscafé zat de lokale politiemacht samen met je aan de toog en maande je aan toch maar voorzichtig naar huis te rijden als je teveel gedronken had. In tijden van verkiezingscampagnes werd de aanleg van stoepen vaak uitgebreid naar meer private opritten en struikelde er ook niemand over als je niet-vergunde “achterbouw” een stevig uit de kluiten gewassen verruiming van je woonhuis bleek. Dit maar om te zeggen dat België een tolerant land was, waar al eens wat “kon”.

Als we in onze kindertijd enkele dagen op bezoek gingen bij oma en opa in Duitsland, dan ging het er enigszins anders aan toe… Je had er de verplichte “Mittagsruhe” (http://de.wikipedia.org/wiki/Mittagsruhe), die maakte dat er tussen 13 en 15 uur geen lawaai gemaakt mocht worden. Concreet wilde dat zeggen dat wij, kinderen, NIET mochten spelen en ons gedurende 2 uren op mijn grootouders hun appartementje stil en rustig dienden bezig te houden, kwestie van geen aanklacht wegens geluidshinder tijdens de middagsrust in de wacht te slepen. En, als je buurman dan toch durfde om zijn boormachine op zondag te bezigen, dan stond binnen de 5 minuten een politieagent aan zijn deur om hem te wijzen op de gevolgen van zijn daden. Je mag het dus gerust vergelijken met de Joodse sjabbat die de onthouding van elke vorm van arbeid verbiedt, alleen is de middagsrust bij wet bepaald en staat ze los van religieuze overtuigingen.

Duitsland (en, jawel, ik heb het dan over het toenmalige WEST-Duitsland!) was dus een écht regeltjesland dat bewoond werd door kommaneukerige kleinburgerlijke regeltjesslaven, die elke letter naleefden, zich niet afvragend wat de (on)zin van bepaalde wetten was. België was op dat vlak voor mijn ouders een ware verademing. Ze genoten van de relaxte sfeer in ons belgenland en hadden het er naar hun zin.

Ondertussen zijn we dus bijna 40 jaar verder en zijn de Duitsers er stilaan aan het achter komen dat bepaalde regeltjes en wetten écht niet meer van deze tijd zijn en dat het ook geen zin heeft om regels op te leggen die tot enige doel hebben dat je er mensen mee ambèteert.

Terug naar België dan… Meer bepaald naar het rookverbod.

Ik herinner me een tijd dat je de trein of bus opstapte en er lustig gerookt werd. In ziekenhuizen had je als patiënt de keuze tussen “rokers-“ of “niet-rokerskamers” (zelfs op de kraamafdeling) en op restaurant werd tussen elke gang een propere asbak pal in het midden van de tafel geplant, langs de botervlootjes en de kraakverse broodjes. In menig woonkamer stond dan ook zo’n vreselijk lelijke gigantisch grote en lompe marmeren asbak en een aansteker, vervat in een kunstig geslepen brok van dezelfde steen en lag er een pakje sigaretten en enkele sigaartjes voor bezoekers op tafel, in die blinkend opgepoetste asbak, bij voorkeur geplaatst op een kanten tafeldoekje.

Er was een bepaalde tolerantie tussen de rokers en de niet rokende medemensen, ook al generaliseer ik hier. Als er een baby’tje in de buurt was en je werd vriendelijk verzocht niet in de buurt van het wiegje te roken (jaja, dat is de tijd dat “Kind & Gezin” van die leuke pancartes meegaf als je bevallen was om je rokende kraambezoekers erop te wijzen dat roken boven een slapende baby toch wel ongezond was) dan paste je je aan de vraag van de ouders aan. En, als er een astmatische kucher mee op restaurant ging dan blies je de rook wel even de andere kant uit, want respect dat moest er zijn! Cafés herkende je aan hun gelige glasgordijnen en aan de blauwe schijn op de vensters, maar niemand scheen zich daaraan te storen. Dat was gewoon zo, toen.

God ja, roken is ongezond, maar dat beetje rook zou ook niet veel uitmaken, gezien we Tsjernobyl ook al overleefd hadden. Tot de voorvechters van een gezonde levenswijze (hoe ik daarover denk staat in een eerder blogbericht: http://discoveringwhatyoubelieve.blogspot.com/2011/03/gezonde-voeding.html) vonden dat het toch wel beter zou zijn als de algemeen behoorlijk gerespecteerde en gehanteerde regels van gezond verstand en beleefdheid in wetten gegoten zouden worden. Want, niet elke roker springt altijd even verstandig om met zijn verslaving en bovendien was nu ook al bewezen dat je van passief roken evenzeer doodgaat. Dat laatste zou allicht een zegen betekenen voor het keren van de vergrijzing in de bevolking, waardoor men minder taksen zou moeten heffen gezien het wegnemen van de druk op de staatskas en men dus de sigaretten terug wat goedkoper kon maken, zodat er meer mensen zouden roken en er nog minder vergrijzing is… Nu ja, ik wijk af!

Wetten en regels dus die het samenleven tussen rokers en niet-rokers in goede en strikte banen zou leiden. Eén lijn, die duidelijk is voor iedereen en die vooral de extreme en niet-tolerante niet-rokers zou kunnen plezieren, gezien ze vanaf nu “iets in handen hadden” tegen de nietsontziende roker, die zich geen bal aantrekt van de beleefdheid en het gezond verstand.

Daar waar ik vroeger nog aan het loket van de bank waar ik werkte rookte, deden we dat nu “uit het zicht”. Er waren genoeg (ketting)rokers op het werk die de invoering van die wetten maar al te onnozel vonden en zich dus “een beetje” aanpasten, door in hun eigen bureel wel nog te roken, maar niet meer pal voor de neus van passagecliënteel. 9 jaar geleden verhuisden we echter, naar een groot kantoorgebouw, waar je dadelijk verwelkomd wordt door een bordje met daarop melding van het betreffende K.B. dat roken in openbare ruimten verbiedt. Toen ik er de eerste dag (na 15 weken bevallingsrust) kwam werken en enorm veel zin had in een sigaret stak ik me even weg in het archief om een sigaretje te roken, waar mijn baas (toen nog een kettingroker) me “betrapte”. *slik* Hij: “Wat doe je daarbinnen?” –Ik: “Euh… Sigaretje roken.” –Hij: “Doe niet onnozel en zet uw asbak terug op uw computer!”

Hier werd dus gewoon lustig verder gerookt… Tijdens meetings (met 4 rokers en 4 niet-rokers) maakte er niemand een punt van dat er gerookt werd, gezien dat al altijd zo geweest was. Maar, ondertussen (sinds 2 jaar) zijn 3 van de 4 rokers hier gestopt met roken… en schiet ik dus over. De asbak op de computer is langzaamaan terug naar het archief verhuisd, waar ik af en toe nog steeds “stiekem” een sigaretje opsteek. Niet omdat mijn collega’s er aanstoot aan nemen, maar gewoon omdat het niet mag. Nu ja, ik zit hier 90% van de tijd helemaal alleen, gezien ik geen collega’s in de zin van het woord heb. Klanten komen hier niet en vaak zie ik de ganse dag niemand hier. Ik stoor met mijn roken dus niemand en breng met mijn passieve rook geen gezonde longen in gevaar, die van mezelf buiten beschouwing gelaten, die 25 jaar na mijn 1ste sigaret nog steeds op 120% longinhoud van een niet-roker staan. Maar, het mág dus gewoon niet, is verboden…

Mijn ouders, die beiden roken, verkiezen het ondertussen om niet meer teveel “op verplaatsing” te gaan (dankzij de invoering van de verstrengde wet op roken in horecagelegenheden, van kracht binnen 6,5 weken) en gaan voor champagne en hapjes op hun eigen terras, de asbak in het midden van de tafel en mijmeren over een tijd dat in België nog veel mocht en alles kon…

Een samenvatting van de "regeltjes" mbt roken kan je nalezen op:
http://www.pro-safe.be/p/D4EB5E22EB773A96C12571E100323014

maandag 9 mei 2011

Marokkaanse koorts



Ik heb koorts…


Neen, niet het soort van koorts dat veroorzaakt wordt door één of andere infectieziekte, die je enkele dagen lang ijlend aan bed kluistert, maar eerder een vorm van “winner’s fever”.


Ik doe nogal eens mee aan “spelletjes” en prijsvragen op de radio, in de geschreven pers, op internet en waar ze ook maar mijn zicht kruisen, volgens de leuze “Wie niet waagt, niet wint”. En, om één of andere bizarre reden durf ik nogal eens bij “de gelukkigen” te zijn.


Een kleine greep uit de prijzenpot van de laatste 12 maanden: een weekend astronautenstage in het Eurospacecenter voor 4 personen (all-inclusive), een dagtrip Wenen (vluchten heen en terug) voor 2 personen, de prerelease van de luxe-CD-uitvoering “Wham remastered”, een fles champagne, een moederdagsboeket (incl. mooie glazen vaas) voor mijn mama, gratis bioscooptickets… en dan vergeet ik allicht links en rechts nog wat.

Neen, aan de Lotto doe ik niet mee, omwille van de simpele reden dat de mathematische kansberekening in mijn nadeel speelt en het op termijn teveel geld kost. De wedstrijden waar ik aan deelneem kosten me op en al 1 of 2 sms-jes en bieden me een reële winstkans. Inzet en prijzenpot moeten dus wel in verhouding de moeite zijn om er die 1 à 2 “dure” sms-jes aan te besteden, want, mijn “speelzucht” mag op geen enkele wijze een financieel nadeel betekenen. Dat zijn nu eenmaal de “regels” die ik mezelf heb opgelegd… En, daarenboven doe ik bijna uitsluitend mee aan zaken waarvoor je niks moet doen, moet kennen of kunnen… en waar ze je niet lastig vallen met van die idiote schiftingsvragen.

Ik denk dat het allemaal begonnen is toen ik een jaar of 12-13 was en ze op de lokale vrije radio geregeld ontbijtkorven weggaven. De vrije radio heeft me indertijd best wel veel opgebracht! Zo heb ik ooit voor 30.000 BEF aan prijzen gewonnen, in de vorm van bonnen bij lokale handelaars, waaronder bonnen voor een heus diner voor 2 personen en meer van dat leuks. Dat was in het pre-GSM-tijdperk toen het volstond om het telefoonnummer van de radiozender van buiten te kennen en een telefoon met druktoetsen ipv draaischijf te hebben, kwestie van er als eerste “binnen te geraken”. Ondertussen zijn de meeste wedstrijden sms- of mailwedstrijden, waarvan ik dacht dat dat in mijn nadeel zou spelen. Maar, niks is minder waar: ik blijf prijzen binnenrijven en blijf me ook de vraag stellen hoe dat komt? Misschien valt bij kleine wedstrijden mijn niet alledaagse naam wat meer op dan die van een ander of kiest de “spelcomputer” volgens één of ander wiskundig logaritme dat in mijn voordeel werkt? Ik weet het niet…

Hoedanook, ik heb dus koorts. Winnaarskoorts… Want, we (d.i. mijn vriend en ik) zitten in de finale van de Continental 4x4 Trophy 2011, een woestijnrally die ons 6 dagen door het Atlasgebergte en de Sahara in Marokko zou leiden. Ditmaal heb niet ik meegespeeld, maar heeft hij ons via de website ingeschreven en werden we uit alle deelnemers gepreselecteerd in de categorie “Motivatie”, waaruit ik kan afleiden dat mijn ventje écht wel enorm zijn best gedaan heeft om me deze reis te gunnen, gezien hij weet hoe ongelooflijk graag ik deze uitzonderlijke en unieke reiservaring eens zou willen meemaken. Dat we in deze finale zitten heeft dan ook niks te maken met mijn eventueel geluk in het spel...

De finale dus… Volgende week zaterdag. En, geheel volgens mijn “spelregels” hebben we een winstkans van 51,85%, gezien er van de 27 finalisten 14 naar Marokko mogen… volgende maand al. En, dat gedurende 6 dagen, 1000 kilometer in een Hummer H3 (een woestijnbeest van maar liefst 2,6 ton, dat 4,78 m lang is en net geen 2 meter breed), alle vluchten, maaltijden en overnachtingen in 4****-hotels inbegrepen. Een “once in a lifetime opportunity", die ik zooooooooo graag wil winnen. Ditmaal niet zozeer omwille van de “sport van het winnen”, maar écht wel omdat ik dat eens wil meemaken (voor alle duidelijkheid: vrijwillig en op eigen kosten zou ik nooit aan zulk een extreme expeditie deelnemen!) en omdat ik ervan overtuigd ben dat we een sterk team gaan zijn in dat woeste niemandsland. We zijn trouwens nog nooit onder ons 2-en op vakantie geweest, wat dus ook een nieuwe ervaring gaat zijn: de geroutineerde en relaxte Aziëreiziger die in totaal al zeker enkele maanden van zijn leven in Azië heeft doorgebracht op de meest bizarre plaatsen… en ik: de huismus en moeder van 4, die elke stap buiten de Grote Ring van Hasselt catalogiseert als “vakantie”.

Ik vind reizen nu eenmaal duur en zie er voor mezelf niet altijd de meerwaarde van in om weg te zijn, daar ik graag genoeg thuis zit en van mijn eigen huiselijke sfeer kan genieten op dagen dat werken niet aan de orde is. Hasselt is ook zo’n mooie en bruisende stad dat ik juist het gevoel heb iets te missen als ik te lang van huis weg ben. Voor mij is reizen dus zeker niet het doel van een jaar lang werken en hoeft dat voor mij allemaal niet echt…

De Conti Trophy is echter anders: omdat het enerzijds van A tot Z georganiseerd en gepland is voel ik me wel op mijn gemak, zonder echter het gevoel te hebben als toerist de reeds platgetreden paden te bewandelen, waar net voor mij en vlak na me nog 1000-den toeristen hun voetafdruk zetten. Zuid-Oost Marokko ziet er zo puur en onbezoedeld uit… Ik wil dat woestijnzand proeven en de niet-lichtvervuilde sterrenhemel boven de Sahara zien. Ik wil er ’s nachts koud hebben en overdag puffen. Ik wil er de zon zien opgaan vanuit mijn berbertent (1 nachtje zouden we in de woestijn doorbrengen), wil met een hoofddoek de gastvrij ingeschonken muntthee opslurpen en “Insh’Allah” mompelen als men me vraagt of ik ooit nog eens zal terugkeren.

Nog 5 dagen moet ik die koorts beheersen, nog 5 dagen kalmte bewaren, nog 5 dagen duimen en hopen, nog 5 dagen wachten… vooraleer ik weet dat ik mijn koffers mag gaan pakken en aan dit unieke avontuur mag deelnemen. 5 verdomd lange dagen met de climax nu zaterdag! Een ganse dag on-road en off-road proeven rijden, theorie en praktijk, motivatiegesprekken, enz. ... om dan tegen de avond eindelijk te weten of we erbij zijn.

Marokko, here I come?! … Insh’Allah.



Wil je je ook inschrijven voor de Conti 4x4 Trophy? Info op: http://www.contitrophy.be/nl/bekijk-de-prijs/