woensdag 21 november 2012

Schrijf eens een boek!


Ik ben net terug van de diëtiste en kreeg als advies mee: “Cora, zou je geen boek gaan schrijven?! Het zou je alvast veel geld opbrengen, daar ben ik zeker van”. Nu, voor alle duidelijkheid, geen dieetboek, want op dat vlak is zij zoveel beter dan ik, vandaar ook dat zij er haar mager belegde boterham mee verdient en niet ik.

Het blijft wel een grappig gegeven dat ik die vrouw 25 euro per sessie betaal om haar te vertellen wat ik allemaal wel/niet gegeten heb, om halverwege mijn halfuur dan toch over héél andere dingen te praten. Ditmaal ging het over scheiden... Mijn ventje vroeg me thuis dan ook: “Hoe zijn jullie op dat thema gekomen? Ik dacht dat jullie over eten praatten?!” Wel ja, dat is ook wel zo... Hoe kom je daar dan op? Ik vertelde dus dat de kinderen rond deze sinterklaastijd van het jaar nogal eens guimauves krijgen, dat ik opgezocht heb hoeveel calorieën dat heeft en verrast was dat het er maar 15 per stuk zijn en me dus dagelijks beloon voor mijn dieetinspanningen met een handjevol guimauves. Waarop zij me vertelde dat ze er nog altijd niet over kan dat zo’n jong en dynamisch dartel ding als ikzelf 6 kinderen heeft, ook al bevestigde ze me nogmaals dat ze uit mijn dossier wel onthouden heeft dat we een nieuw-samengesteld nest zijn, waarvan “slechts” 4 kuikens de mijne zijn, maar toch. Waarop ik eerlijk zei dat ik “pas” op mijn 25ste aan kinderen begonnen ben (wat ik toen niet echt jong meer vond) en dus nu helemaal zoooo jong niet meer ben en dat ik hun papa destijds “gerecruteerd” heb (als in: hij mocht blijven!) omdat hij ook snel en veel kinderen wilde en we daar ook na onze scheiding geen spijt van hebben, dat we die kroost met elkaar hebben en dat we zelfs gezamenlijke vakantieplannen koesteren met alle 6 kinderen en de 2 nieuwe partners aan weerszijden... 

Voilà, zo komt het dus dat je bij de diëtiste over je scheiding, of meer bepaald over de afloop van onze “voorbeeldscheiding”, begint. En, ja, gezien ze mijn diëtiste is heb ik eerlijkheidshalve er ook aan toegevoegd dat er steevast een fles wijn of bubbels bij elke kidswissel op zaterdagavond soldaat gemaakt wordt, kwestie van de wekelijkse debriefing gezellig te houden (je wil toch weten wat je kinderen die week allemaal hebben uitgespookt bij de andere ouder en bij 4 kinderen kom je écht niet toe met een glaasje water om dat allemaal besproken te krijgen!). Jaja, elk glas wijn is anderhalve boterham (een glas cava trouwens maar 1 boterham, maar dat is enkel en alleen omdat de glazen kleiner zijn, verzekerde ze me bij een eerder bezoek, zodat het geen zin heeft van je “1 cava” in een wijnglas te gieten in de hoop dat je minder calorieën binnendoet dan bij dezelfde portie wijn), dus het is dan eigenlijk te wijten aan het grote aantal kinderen dat ik zoveel drink, denk ik dan, gezien we ook zoveel te bespreken hebben.

Anyway, de diëtiste vindt het dus bewonderenswaardig dat mijn jongens hun papa en ik niet op voet van oorlog leven, maar een  harmonieus en hecht gezin op 2 adressen vormen. Want, helaas is dat in de meeste gevallen niet zo... Daar wordt de fles wijn angstvallig weggestoken als de ex de kinderen komt droppen en wordt dat droppen afgehandeld op de oprit of aan de inkomdeur, maar bij voorkeur (én vaak bij wet), geen meter dichter om het nieuwe nest niet te bevuilen. Dan stel ik me vaak fronsend de vraag: “Waarom?”. (Uiteraard heb ik het hier niet over echtscheiding waarin fysieke of zelfs psychische mishandelingen en/of terreur aan de basis liggen, hè. Want, in dat geval is een straatverbod nog het minste)

Waarom zijn er scheidende koppels die elk zo’n 3 à 5.000 euro naar hun respectievelijke advokaat dragen, omdat ze het niet eens zijn over wie de winterjassen en de schoenen voor de kinderen moet bekostigen?! Get real!!! Er worden kapitalen naar de advocatuur gedragen om brieven naar elkaar te versturen en inboedellijsten op te stellen omdat zowel hij als zij de WC-borstel willen mee hebben (écht gebeurd en écht gezien, deze!). 

Hou elk uw f*cking 5.000 euro, koop u in de Gifi voor 1 euro een nieuwe (die je desnoods 3x per jaar vervangt als dat nodig is), haal voor de kinderen een jas en schoenen en neem de rest van dat geld en ga daarmee 2x per jaar met de kinderen op verlof in plaats van de advokaat zijn volgende reis naar de Malediven te bekostigen. 

Kortom: get a life en laat het oude los! Wil dat zeggen dat je over je heen moet laten lopen? Natuurlijk niet! Maar, wat schiet je ermee op om je gelijk te halen en er zo’n dure prijs voor te betalen. En, nog veel belangrijker: wat schieten jullie kinderen ermee op als de scheiding in een dure strijd moet uitmonden...

De diëtiste beaamde en zei daarop: “Tja, wat kan ik zeggen, zo loopt het momenteel bij mij”.
Mijn half uurtje aan 25 euro zat erop (lees: het sponsorgeld voor mijn diëtiste haar advokaat, zodat deze ook dit jaar op wintervakantie naar Kitzbühel kan gaan), ik deed de deur lachend achter me dicht en dacht: “Hey ja, ik heb mijn happily divorced-verhaal al zoooo vaak verteld, misschien moet ik wel eens aan dat beginnen te schrijven...”, waar ik vanmorgen om 5 uur dan maar mee begonnen ben...

--------------------------------------------------------------------------------------------
Oh ja, verder gaf mijn diëtiste me vandaag nog mee dat je van ibuprofen vocht vasthoudt en dat ik beter bij de Italiaan kan wegblijven! Kwestie van deze wijsheid niet voor mezelf te houden ;o)

dinsdag 16 oktober 2012

Kanker is gemeen...


Er zijn zo van die (maan)dagen waarop het leven heerlijk kabbelend zijn gangetje gaat...

’s Ochtends kuste ik mijn man gedag, omdat hij de komende 3 dagen op een Duitse vakbeurs zou vertoeven, nadat hij eerst mijn 4 kinderen op school zou afzetten en uitgebreid afscheid van hen zou nemen. Zelf ging ik naar het werk voor een normale 8-uren dag zonder teveel onvoorziene omstandigheden of stress, als we even buiten beschouwing laten dat het er de hele voormiddag pokkekoud was, omdat de verwarming te laag afgesteld stond. Maar, dat zijn details.

Na mijn dagtaak zou ik 3 van de 4 kinderen in de avondstudie op school ophalen - de oudste was zelf al thuisgeraakt – zouden ze me honderduit over hun schooldag vertellen, liefst alle 4 tegelijk, en zou ik nadien de spaghettisaus van daags voordien opwarmen (op maandag mag het al eens wat rustiger aan gaan ’s avonds) en zouden we samen van dit diner genieten, mijn 4 jongens en ik.
We waren zowat aan onze laatste hap, toen plots een van de 2 oudsten zei: “Oh ja, mama, Rana heeft kanker”, terwijl hij de laatste hap naar binnen werkte en doorspoelde met wat koude thee.
Sprakeloos keek ik de jongens aan, kon geen woord meer uitbrengen. “Ja, mama, dat is waar. Ik heb dat op haar facebook gelezen”, waarop de ander: “En ik heb dat vandaag op school gehoord”. Het moest dus wel waar zijn dan.

Rana is de oudste dochter van 3 kinderen en heeft nog een jongere zus en een jongere broer. Sinds de kleuterklas zat zij bij mijn oudste in de klas, haar zus bij mijn 2de en haar broertje bij mijn jongste. Met haar mama en enkele andere mama's sprak ik elke 1ste en laatste schooldag af “onder de mama’s” . We waren een variërende groep van 4 tot 7,8 moeders, die op deze 2 schooldagen het nuttige aan het aangename koppelden en verlof namen van het werk om zo zelf de kinderen naar school te brengen en na schooltijd weer te gaan halen, zonder dat ze naar de opvang moesten... en de tussentijd vulden we met gezellig terrassen in de stad. Beetje us-time om 2x per jaar bij te kletsen over de dingen des levens, wat te roddelen over anderen, een excuus te hebben uit eten te gaan en vanaf  de late voormiddag te aperitieven en tussendoor nog wat te shoppen (voor de kinderen of gewoon lekker voor onszelf!). In het beste geval vulden we er een ganse dag mee, tenzij de school besliste er een halve schooldag van te maken, zodat we het programma wat versneld op een voormiddag dienden af te ronden. Maar, die 2-jaarlijkse afspraak met “de mama’s” was een vaste constante.

Ja, WAS. Want, Rana’s mama (een heel erg toffe spontane flapuit die geen blad voor de mond neemt en ondanks alles wat ze in haar leven al meegemaakt heeft een uiterst positief en goedlachs mens is met het hart op de juiste plek en doorspekt van een gezonde portie zelfrelativering, ja zelfspot eigenlijk. Een vrouw zoals ik ze graag heb dus...) heeft op de laatste schooldag verkondigd dat ze (eindelijk) ging scheiden en zou verhuizen naar haar geboorteplaats en terug bij haar vader zou gaan intrekken met haar 3 kinderen. De kinderen zouden van school veranderen (Rana had net het 6de leerjaar afgerond en zou toch van school moeten veranderen door de overstap naar het middelbare odnerwijs), zij zou er werk zoeken nadat ze jaren als zelfstandige met haar man een zaak gehad heeft en het zou wel allemaal lukken, want ze hadden een ganse zomer om eraan te wennen dat dit een keerpunt in hun aller leven zou worden. 

De 1ste schooldag ging dan ook zonder haar door, een andere mama moest werken en ikzelf moest echt wel naar huis, omdat mijn ventje die week thuis aan het inhuizen was en mijn extra paar handen die dag dus goed kon gebruiken. Ik ben dus met 2 andere mama’s gauw een snelle chocomelk gaan drinken ’s ochtends en liet hen de rest van het dagprogramma alleen afhaspelen, terwijl ik naar huis ging.

Met hartkloppingen tot in mijn keel nam ik alle moed bij elkaar en belde haar gisteren, nadat ik door verstomming geslagen was aan de eettafel. Ik was in complete shock, wist niet goed wat zeggen, maar vond dat ik haar – ondanks haar verhuis – moest laten weten dat we aan haar denken en dat ik er voor haar ben. Haar verhaal was schrijnend: een dochter die de laatste tijd wat moe was (toch wat nasleep van de aankomende scheiding?) en af en toe wat buikpijn had (allicht opkomende maandstonden rond die leeftijd?), keelpijn die snel de diagnose klierkoorts kreeg (ook niet echt leuk, maar wel een plausibele verklaring voor de moeheid en de knobbels in de keel), zodat ze vorige week enkele dagen ziek was van school (geen ramp, want ze is een super-goede voorbeeldstudente die in geval van slechte toetsen omwille van ziekte nu reeds het nodige krediet verdiend had op haar nieuwe school). Toen de klachten bleven aanslepen en ze amper nog haar boekentas kon dragen omdat ze zo futloos was, werd de vroegere huisarts nog eens geconsulteerd voor een 2nd opinion (de arts in de nieuwe woonplaats kent haar nog niet zo goed), op vraag van Rana zelf. De moeder stemde in, om het kind gerust te stellen dat die klierkoorts gewoon wat tijd nodig heeft om te genezen. Toen ging alles plots heel snel: diagnose leukemie, koffers pakken en naar Leuven vertrekken. 

Ja, zo gaat dat. Geen tijd om te laten bezinken, geen tijd om te wennen aan het idee, geen overlegperiode in familiekring... Inpakken, wegwezen en dadelijk meer onderzoeken en dadelijk therapieën.

Rana ligt er nu sinds vorige week, op de kinderkankerafdeling. Sinds gisteren weten haar nieuwe klasgenoten officieel dat ze kanker heeft en op haar facebookprofiel is het alsof een golf van ongeloof en medeleven de virtuele wereld van deze 12-jarige vullen.

Bizar en statistisch vrij onwaarschijnlijk feit is dat een klasgenote van vorige jaar (die dus ook bij mijn oudste in de klas zat) vorig jaar onderwijs volgende via “Bednet”, omdat ze na een zwaar chemojaar aan bed gekluisterd was, een gans schooljaar gemist had en nu herstellende was. 2 kinderen in dezelfde klas, beiden 12 jaar. What are the odds?

Als moeder van 4 kan ik me amper voorstellen wat dat met een frêle pas uit elkaar gerukt gezin doet - dat de wonden van de scheiding nog aan het likken is - te moeten weten dat ze hun oudste voor onbepaalde tijd uit handen moeten geven. Want, ze zal weken en zelfs maanden in Gasthuisberg moeten blijven, met een slaagkans van 90%.

Ondertussen ben ik het één en ander aan het “organiseren” om Rana te verrassen en wens ik haar alle succes van de wereld toe in deze loodzware “life’s a bitch”-praktijkles... Engeltje, vecht als een duivel in een wijwatervat! Verzet je en geef niet toe aan het fysieke en mentale verval. Geef de moed niet op, want je leven moest nog maar net beginnen...

woensdag 10 oktober 2012

What are the odds?!



 Mijn Hunkerman en ik zijn nu sinds eind januari een koppel. “Big news”, hoor ik u al denken. En, inderdaad, zo “vers” is dat nieuwtje al lang niet meer. Over onze relatie (of voorgaande) schrijven, deed ik eerder zelden en meestal eerder algemeen, dan specifiek.

Maar, in dit geval zal ik een uitzondering moeten maken, misschien niet eenmalig, dat zien we dan wel weer.

We hebben elkaar ongeveer een jaar geleden ontmoet, eind oktober, de 27ste om precies te zijn. Ik was net 3 dagen ervoor jarig geweest en stond die bewuste avond op café buiten een sigaretje te roken, verdrietig om het heengaan van mijn mama net 1 maand eerder, maar ook vreselijk energiek en in overdrive omdat ik volop aan het solliciteren was geslagen (dik tegen mijn zin, maar het moest). Over die eerste sollicitatieperikelen was ik dan ook uitvoerig met een andere roker aan het leuteren, toen mijn Hunkeren wat dichterbij kwam staan en me vroeg of ik blij was geweest met mijn verjaardagscadeau eerder die week? Ik denk dat er toen niet meer dan verbazing en een vragend “Huh?” volgde. Hij lichtte toe dat hij bij een gemeenschappelijkefacebookvriendin had gezien dat ze me die week kwam bezoeken met een verjaardagscadeautje. Verder werd er over die verjaardag niet veel gerept en ben ik zowat een half uur blijven doorbomen over het hedendaags solliciteren, vooraleer ik het buiten te koud vond en terug naar binnen ging na een leuke babbel.

Zoals dat tegenwoordig gaat stuurde ik hem een facebook-vriendschapsverzoek, hij keurde goed en ik zag dat hij diezelfde dag verjaarde en stuurde hem prompt een privéberichtje dat ik zijn verjaardag vanaf nu niet meer kon vergeten.

Maanden later, toen we in januari behoorlijk halsoverkop in een relatie stapten met elkaar bleef het een leuk iets dat we op dezelfde dag jarig zijn, want, what are the odds? Dat we – beiden woonachtig in Limburg – een connectie hebben met godverlatenboerengat Grasheide (een landelijk kerkgehucht ver van Limburg en de omliggend Antwerps-Brabantse beschaving af gelegen) vonden we ook al vrij bizar. Ik ben er opgegroeid en hij bracht er de weekends en vakanties door in het buitenverblijf van zijn grootouders. Bij de boer waar mijn vader zijn asperges ging halen, leerde mijn Hunkerman traktor rijden en het markante kruispunt in het bos, vlakbij de boerderij, waar pal in het midden van dat kruispunt een boom staat, kenden we ook allebei. 

De vrouw van die aspergeboer (die volgens mij ook al enige tijd dood is) heeft trouwens 2 dagen voor mijn mama haar overlijden ervoor gezorgd dat ik bijna een infarct kreeg, toen mijn mama in haar palliatieve ziekenhuisbed naar buiten keek en uitvoerig tegen die vrouw aan het praten was alsof het een hartsvriendin was die vlak langs haar naast het bed zat. (Misschien de invloed van de morfine die mijn mama dode mensen heeft doen zien?!) Dat er op de 6de of 7de of weet ik hoeveelste verdieping niemand aan het raam stond hoef ik er allicht niet bij te vermelden. En, geloof me, zo een live scène uit “The 6th Sense” (“I can see dead people”) jaagt je écht wel de stuipen op het lijf, maar dit geheel ter zijde.

Mijn Hunkerman heeft trouwens één zus (die jonger is) en ik heb er ook eentje. Niet wereldschokkend, ik weet het. Er zijn wel meer mensen met een jongere zus. Dat zijn zus echter Sabine heet, net zoals mijn pas overleden moeder, was dan toch weer een beetje raar. Maar, toeval bestaat. Want, er zijn maar liefst 17.634 Sabines in België, dus het kan. (bron: www.permesso.be)

Helemaal bizar werd het toen mijn Hunkerman me – op de 1ste sterfdag van mijn moeder Sabine, tijdens een rookpauze op mama’s herdenkingsdiner in familiekring – zei dat hij op 29 november niet mocht vergeten naar zijn zus te bellen, gezien ze dan jarig is. “Wablief?!”, was toen zowat het enige wat er bij mij uitkwam. Neen, niet omdat ik half-doof ben, maar omdat ik zeker wilde zijn dat ik de datum goed verstaan had. Hij bevestigde: 29 november. Heel straf, want, mijn enige zus verjaart ook die dag! Hunkerman en ik delen dus onze verjaardag en onze zussen zijn eveneens op dezelfde dag jarig!

Nu, ik ben geen wiskundige, maar de kans daarop lijkt me eigenlijk best wel klein?!
Je zou denken dat het hierbij stopt, hè. Maar neen! Eerder deze week waren we de nieuw gekochte woonkamerkast aan het inladen – netjes ieder zijn kant, toen hij me zijn geboortealbum in de hand duwde. Ik bladerde door het boekje, las enkele passages, toen er plots een papiertje uit het abum viel. Het was een wit blaadje uit een notablokje, voorzien van een voorgedrukt opschrift (je kent ze wel, van die handige notablokjes bedrukt met reclame bovenaan). Op het blaadje had zijn mama enkele aantekeningen gemaakt, van belang voor zijn geboorteboekje. Maar, mijn oog viel dadelijk op de opdruk van het blaadje, in lichtblauwe drukletters: “HERBERT” (slechts 1036 mannen in België heten trouwens Herbert, dus het is zeker geen voor de hand liggende naam als pakweg Jean of Jef of Wilfried). Herbert, de naam van mijn Oostenrijkse vader!

Of je nu gelooft in het lot of niet, doet niet ter zake. Want, bovenstaande feiten zijn wat ze zijn: feiten en geen zweverige verhaaltjes (toegegeven, het praten met dode mensen is weer iets moeilijker te staven, maar ik heb het zelf meegemaakt en ben er nog steeds behoorlijk spooked van).

Oh ja, en voor de echt nieuwsgierigen geef ik even mee dat er in gans België slechts 110 mensen mijn voornaam dragen en er niemand is die echt Hunkerman heet (ja, ik heb het voor alle zekerheid nagekeken, je weet maar nooit ;o)  )!...

vrijdag 14 september 2012

Vorig jaar, dezelfde dag.

Vorig jaar, dezelfde dag. 

Eén jaar is het nu geleden… En, het moet gezegd: het was een prachtige dag. Zomers warm overdag, herfstig fris ’s morgens. Dat zomerse weertje heeft zo nog minstens 2 weken aangehouden. Tijdens Hasselt-kermis was het zalig slenteren in de zon, het trouwfeest van mijn ex-man en zijn ega was gezegend met een lekker weertje en de mensen waren eigenlijk vrolijk en luchtig omwille van de zomerse verlenging.

Vorig jaar dezelfde dag had ik verlof genomen. Geen “gewone” verlofdag om een verlengd weekend te vieren, geen dagje out of office om te gaan terrassen of door de stad te kuieren, geen gewone vrijdag… Ik maakte me letterlijk op voor mijn mama haar laatste reis, met mijn auto naar de palliatieve eenheid. Papa’s cabrio was in de lente en zomer nog leuk geweest om met haar wat in de zon te gaan cruisen overdag, maar ze had het steeds moeilijker om zich met haar wegkankerende heupgewricht in de lage auto te hijsen, zodat ik voorstelde om taxi-dienst te spelen naar het ziekenhuis.

Bij haar thuis stonden de koffers al gepakt klaar. Ze dronk haar glaasje appelsap (of was het water?) leeg, veegde nog eens over de salontafel, ruimde in de keuken nog even op en zei ons dat ze klaar was. Het moet gezegd: ze zag er goed uit (zoals steeds). Ze was behoorlijk bruin van de zomerzon omdat ze veel tijd in de tuin had doorgebracht, op het terras of in de ligzetel onder een dekentje. En, ja, de cabrioritjes. Ze had haar juwelen aan, droeg een leuke jeansbroek, toffe blouse en een hip "blazerke". Ik weet heel zeker dat ze zich al weken niet meer geschminkt had (ook al deed ze dat haar hele leven dagelijks), maar zie haar in mijn herinnering die dag toch opgemaakt klaarstaan, maar het kan zijn dat ik me vergis.

Ze was er klaar voor, ze was er klaar mee en ze wilde thuis weg om in het ziekenhuis te sterven. Wij vergezelden haar, mijn zus, mijn papa en ik. 12 dagen later is ze gegaan, voorgoed.

Ook al is haar overlijden het ganse afgelopen jaar een vreselijke schaduw geweest, toch ben ik er - sinds ik gisterenavond behoorlijk ingestort ben – zeker van dat de moeilijkste 12 dagen vandaag beginnen. En, in het verlengde tot aan haar “begrafenisverjaardag” zijn het er zelfs 17.

Van de film van die 17 dagen zie ik dagelijks wel  enkele fragmenten, maar deze week is het telkens weer de volledige film die afgespeeld wordt, tot in de kleinste details. De conclusie is helaas uiteindelijk altijd wel dezelfde: dat een heel erg straffe madame die 18 jaar tegen het kankerbeest gevochten heeft is moeten gaan…

dinsdag 26 juni 2012

A walk of shame...
















(Doel is een dorp in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen en een deelgemeente van Beveren. Doel ligt in het uiterste noordoosten van de provincie, op de linkeroever van de Schelde, in de polders van het Waasland, vlak bij de Nederlandse grens. In de Wase dialecten noemt men het dorp "Den Doel". Doel raakte sinds de jaren zestig bekend door uitbreidingsplannen voor de haven van Antwerpen die het dorp zouden laten verdwijnen. Het was tot 1977 een zelfstandige gemeente met een oppervlakte van 25,61 km² en telde in 1972 ca. 1300 inwoners. Op 31 december 2007 telde Doel nog 359 inwoners en op 31 december 2010 nog slechts 188 inwoners De deelgemeente Doel omvat naast de dorpskern de gehuchten Ouden Doel, Rapenburg en Saeftinge. Verder hoort ook de Prosperhaven (dit is de haven van Prosperpolder) en De Schoof nog bij Doel. Net ten noorden van het dorp staat de kerncentrale Doel, die stroom levert aan afnemers in België, Nederland en Duitsland. – Bron: Wikipedia)

Ik ben deze week in Doel geweest! 

Al van in mijn kindertijd herinner ik me nieuwsbeelden van demonstraties, beelden van onteigeningen en heisa rond de kerncentrale van Doel en de havenuitbreidingsplanningen. Het was dan ook hoogtijd om er zelf eens een kijkje te gaan nemen, het fototoestel rond de nek, voor wat weleens een unieke kans zou kunnen zijn dit desolate dorp van nabij te gaan bekijken. Want, hoe het verder zal gaan met Doel en hoe snel het allemaal gaat, dat weet allicht niemand.

Als je met de wagen het havengebied inrijdt, dan staat Doel netjes aangegeven op een mooie blauwe wegwijzer met witte belettering, zoals elke Belgische stad, gemeente, dorp of gehucht wel bewegwijzerd staat, zodat je in een flits nog het gevoel hebt alsof je “gewoon” een dorp gaat bezoeken. Aan de wegrand zie je ook meerdere toeristische wegwijzertjes die één of andere fiets-/auto- of wandelroute aangeven die je door het Antwerpse havenrandgebied loodst langs uitgestrekte weides en velden. Alles lijkt dus eigenlijk perfect “normaal” en klopt tot in het kleinste Vlaamse detail! Het is natuurlijk wel raar als je de eerste huizen met dichtgetimmerde ramen en deuren ziet terwijl je via de heel erg lege hoofdstraat richting Schelde rijdt om er je wagen te parkeren. Aan de voet van het op de dijk gelegen molencafé is een ruime parking, waar je nog enkele wagens ziet. Op de dijk wandelen wat mensen en alles oogt ook voor de rest vrij “O.K.”...

Tot je te voet richting dorpskern wandelt. Een school, helemaal leeg. Straten waar NIKS, maar dan ook helemaal NIKS beweegt: geen wagen, geen fiets, geen bus, geen spelende kinderen, geen jeugd op brommertjes, geen mama met de kinderwagen, geen bejaard koppel dat de hond uitlaat voor een plasje... NIKS! Hier beweegt NIKS! De straten zijn compleet leeg. Straten waarvan het asfalt al enige sporen draagt en je links en rechts al enkele sprieten gras of ander groen ziet piepen door de barsten in het wegdek. Nooit gedacht dat rust en stilte zo beklijvend konden zijn als tijdens de eerste stappen in dit onwezenlijke dorp, dat door God verlaten lijkt. Een eerste openstaande schuur nodigt uit tot betreden en op het eerste zicht is het niet veel meer dan een leegstaande schuur, als je even niet let op al de aanpalende huizen die ondertussen dichtgenageld werden om “gespuis” buiten te houden. Want, dat trek je natuurlijk wel aan als je een gans dorp laat leegstaan... Sporen van vernieling tref je er dan ook overal aan: veranda’s waarvan het glas aan diggelen geslagen werd, een zwartgeblakerd raam waar roetzwarte gordijnslierten uit hangen te wapperen omdat een spelletje vuurtje-stook van enkele jongeren allicht een beetje uit de hand gelopen is, ornamentele tuinzuilen die moedwillig werden stukgeslagen en die over meerdere tuinen verspreid werden weggeworpen.

In enkele huizen merk je ook dat er niet alleen avontuurlijke kinderen of jongeren hebben gespeeld, maar kan je concluderen dat er ook volwassenen een al dan niet tijdelijk onderkomen moeten gevonden hebben in de leegstaande huizen. Lijkt me ook logisch als je nadenkt over de laatste winters die best wel koud waren en Antwerpen met zijn concentratie daklozen dat hoger ligt dan in ons Limburg en slechts op een boogscheut ligt. Ik zou het alleszins doen, overwinteren in Doel in plaats van kapot te vriezen op straat.

We wijken af. Doel dus... Doelloos struinen we verder door de lege straten. Er is een gesuis hoorbaar, alsof er iemand om de hoek een didgeridoo aan het uitproberen is. Het geluid van de bollen die de hoogspanningsmasten boven doel markeren voor het luchtverkeer. De bollen suizen in de wind en maken zowat het enige geluid dat er in dit Dorp-van-de-Schaam hoorbaar is. De hoogspanning én de gitzwarte raven die hun intrek hebben genomen in de kerktoren en die cirkelend als roofvogels rond het dorp vliegen, alsof ze een hoofdrol willen in een Hitchcock-film, verfilmd op z’n Vlaams. Vlaamse schaamte overkomt mij plaatsvervangend als ik zie welk prachtige levenswerken hier onteigend werden omwille van economisch winstbejag. Ooit liefdevol onderhouden voortuinen zijn overwoekerd door planten, distels en netels vormen er een groen tapijt voor de achterdeur en zo nu en dan kom je een verdwaalde klimroos tegen, die ondanks het niet gesnoeid worden beslist heeft Doel te overleven en in broze bloemblaadjes toch iets lieflijks geeft aan dit verlaten stuk geschiedenis.

“Dit huis is bewoond – 2012” staat er op minder dan een handvol huizen, kwestie van aan vandalen duidelijk te maken dat het huis NU bewoond is. Stickers die wijzen op camerabewaking van de nog niet onteigende immobiliën moeten er attent op maken dat Big Brother hier niet gediend is met pottenkijkers. Je voelt je er dan ook niet op je gemak als bezoeker... en durft je al helemaal niet voor te stellen hoe het voelt om één van de laatste bewoners te moeten zijn van een dorp zonder buren, een dorp zonder winkel, een dorp leven. Nu ja, de kerk en het kerkhof, die zijn wel nog in dienst... althans tijdens de christelijke hoogdagen. En dat in een dorp waar de raven de kerktoren als een bastion hebben ingenomen en waar God vergeten is een laatste groet te brengen.

1001 Gedachten komen hier in je op en evenveel alledaagse taferelen zie je als een film door je hoofd spelen. Als je door de huizen wandelt (want, “verbieden is primitief” staat er op een gevel), dan zie je hier moeders een kop koffie zetten, vaders in de tuin werken, jongeren in hun tienerkamer studeren met STUBRU aan en naar buiten turen en kinderen door de woonkamer hossen, terwijl boven het badwater loopt en een pan lekkers in de keuken op het vuur staat. Een postbode rijdt langs en gooit de post binnen, terwijl een buschauffeur stopt aan de halte langs het speelpleintje.
Vergeelde gordijnen, spinnenwebben, insecten, zwerfkatten en een onwezenlijke leegte en stilte kenmerken echter dit dorp, waaruit elk leven weggezogen lijkt. Hoewel... Het lijkt alsof je de planten hier ziet groeien, alsof je de klimop door het kapotte dak ziet kronkelen en het onkruid letterlijk de voordeur openwrikt van het huis waar je vol verbazing en ongeloof naar aan het kijken bent. Hier krijgt tijd een heel andere dimensie...

Maar, Doel is ook kunst! Weliswaar een aangrijpende en trieste kunst; de gevels van leegstaande huizen vormen een canvas voor kunstenaars uit alle windstreken (sommigen van over de landsgrenzen heen) die in woord en beeld Doel een nieuwe gestalte geven en ondanks de immense tristesse die als een stolp over dit dorp hangt, toch nog wat kleur en leven brengen in het straatbeeld en de vergankelijk en werkelijkheid pijnlijk beklemtonen.

Dit is geen filmdecor-dorp of pretpark-coulisse, dit is geen tsunamigebied of kernramprestant: dit is hier, dit is nu, dit is van ons... dit is Doel... dit is een walk of shame!


Linkje naar het volledige fotoalbum: Doel - A walk of shame
Website waar je het nieuws over Doel kan volgen: http://www.doel2020.org/ 


vrijdag 11 mei 2012

Gebroken mensen...

 


Het was me het weekje wel... Het begon vorige zaterdag, toen ik – niet vermoedend dat mijn humeur die dag nog zo zou kunnen omslaan – ’s ochtends vroeg, om stipt 9 uur door “den Aldi” kuierde, met als enigste doel me wat leuk zomerondergoed aan te schaffen. (Tja, ik kan er ook niks aan doen, maar die pushups van “den Aldi” houden hun belofte én doen dat met een leuke print voor een aantrekkelijke prijs van maar 5,99€ - ’t is maar dat u het weet – zodat ik er 2x/jaar in alle vroegte sta aan te schuiven om mijn maat er in 5-voud uit te vissen) Neen, ik was nog niet helemaal wakker (zaterdag, 9 u, zoals ik al zei), maar, bij een 2de blik tussen de andere ochtendwinkelaars was het wel degelijk “mijn onthaalmoeder” (t.t.z. de vrouw die mijn 1ste en 2de zoon vanaf hun 3de maand heeft bijgehouden gedurende de 5 dagen per week dat ik travakken was om brood op de plank te krijgen... of andere mooiere leukere schoenen aan mijn voeten, al naargelang waar die maand de prioriteit lag, gezien ik toen nog getrouwd was en het brood met z’n 2-en verdiend werd) die daar achter haar winkelkar door de rayons tsjokte. 

Ze is er ondertussen 54. Maar, nog steeds (of beter: sinds de laatste jaren opnieuw) is ze een ongelooflijk knappe verschijning. Hoe keek ik toch naar haar op, een jaar of 12 geleden: ze had 4 zonen, een huishouden en zorgde overdag voor een hele meute baby’s en peuters en toch was ze altijd netjes opgemaakt, voorzien van leuke besierading en is was ze gewoon een raaaaaaaaaazend knappe vrouw. Een jaar of 8-9 geleden staakte ze haar onthaalmoederactiviteiten, omdat ze depressief was, gezien de echtscheiding die haar boven het hoofd hing. 

In tussentijd heeft ze een hoop miserie gekend: gescheiden, zwaar depressief, opgenomen geweest en het ging maar verder bergaf. Toen ik haar enkele jaren geleden dan nog eens zag, ook in “den Aldi” (maar wel “in de kleine Aldi van Runkst”, die toen nog zusterlijk naast “de grote aldi” coëxisteerde, op nog geen kilometer van elkaar) was ze een hoopje ellende, amper 40 kilo en een dode blik in de ogen, klaar om in haar eigen graf te vallen als ze de kracht zou gehad hebben om er zelf een einde aan te maken. De vrouw die ik afgelopen zaterdag zag was bijna helemaal terug de oude: opgemaakt, terug levenslust in de ogen, een prachtvrouw van 54 jaar. Nadat ik haar spontaan rond de nek gevlogen ben (tja, what can I say... That’s me!) vroeg ik hoe het met haar ging en ze straalde toen ze me zei dat ze voor de 1ste keer oma zou worden dit jaar. 

Ervan uitgaande dat haar oudste zoon of haar 2de oudste zoon haar een kleinkind zouden schenken barstte ze in tranen uit toen ik vroeg wie de gelukkige vader was en vertelde me dat haar oudste zoon, op de leeftijd van 30, vorig jaar een einde gemaakt had aan zijn leven. De tranen schoten me in de ogen, omdat ik wist dat hij heel veel voor haar betekend had in tijden dat ze het zelf niet meer zag zitten en hij uiteindelijk, na een mislukte relatie van 5-6 jaar terug bij haar ingetrokken was. Ik nam haar in mijn armen en we huilden samen, in den Aldi, tussen de mayonnaise en de ketchup, terwijl ik op weg was naar het kattenvoer. Ze drukte me een afscheidsprentje van hem in mijn handen en samen aan de kassa praatten we nog verder en ook buiten stonden we nog enige tijd na te praten. (En, voor de zoveelste keer vroeg ik me af waarom er in godsnaam geen café naast den aldi is, waar je zulke momenten met een glas in gezelligheid kan verderzetten.)

De ontmoeting met haar heeft me enorm aangeslagen. Een gebroken vrouw die haar kleinkind nu als lichtpunt heeft.

Amper 48 uur later (maandagochtend, rond 07.15 u) werp ik een snelle blik op mijn mailbox alvorens me in werkparaatheid te brengen en zie ik een mail met als onderwerp “overlijdensbericht”. *slik* Mijn 3de zoon is de enige die een niet-familielid als peter heeft. Een trouwe goede vriend die een pracht van een peter is voor onze jongen. De man heeft een geweldige vrouw en 2 schatten van dochters. Zijn vrouw is er zo eentje die altijd vrolijk is, altijd lacht en het leven van de optimistische kant ziet. Een leuk koppel. Het overlijdensbericht was van haar papa, 64 jaar. Toen ik al mijn moed bij elkaar raapte en haar die ochtend belde om haar eventueel hulp aan te bieden (in deze kindvrije week had ik best wel wat inkopen kunnen doen of op hun kindjes letten of god-weet-wat) kreeg ik een gebroken vrouw aan de lijn, die met doffe stem snikte dat hij dood was, gestorven op de 3de verjaardag van haar jongste dochter... Compleet onverwacht. Achteraf vernam ik dat een longontsteking hem fataal geworden was die dag, terwijl hij eigenlijk nog volop gezond in het leven stond en niemand ook maar kon vermoeden dat hen dit te wachten stond. Gisterenavond in het funerarium had ik het dan ook moeilijk: alle vrolijkheid was weggezogen uit haar rooddoorlopen ogen en die van haar man. Vreselijk om mensen die ik graag heb zo te moeten zien lijden!

Diezelfde maandag op het werk was er een collega afwezig. Leuke meid van 26, die volop in de weer is voor de communie van haar dochtertje binnen 7 dagen. Toen ik op haar dienst navraag deed of ze erg ziek was, gezien er sprake van was dat ze de ganse week afwezig zou zijn, zei men me stilletjes dat haar broer van 30 overleden was, verdronken... in Thailand, waar hij woonde. Daar sta je dan, wederom sprakeloos. Toen ik die avond haar broer googlede kwam ik op een filmpje uit dat hij gemaakt had en dat ik een jaar of iets geleden al eens gedeeld had met vrienden omdat het zo knap was. En, op foto’s zag ik hem met de bewoners van het kraakpand hier op de hoek. Hij zag er een toffe gast, jong, zachtaardig, idealistisch, iets van een wereldverbeteraar in zijn ogen. Woensdag kwam ze dan even op het werk langs, gesteund door haar man, om even kort met de baas te praten over haar afwezigheid. Ik kon het niet laten en ging naar haar toe en gaf haar een dikke knuffel (tja, what can I say... That’s me!) en toen ze vertrok ging ik even mee, buiten een sigaretje roken en nog even met haar praten. Ze was compleet afwezig, in shock, de ogen een beetje mee gestorven met haar verdronken broer, die pas volgende week zou “thuiskomen”, zodat de week van de communie van haar dochter ook de week van het laatste afscheid zou worden. Hoeveel verdriet kan een mens verdragen?

Neen, hoor, we hebben het nog niet gehad! Een overlijdensbericht op de FB-pagina van een kameraad uit de Vlaanders trok mijn aandacht. Neen, de gast is geen goede vriend en op Facebook na zien we elkaar misschien 1-2x/jaar als er in Limburg “iets te doen is” en hij afkomt. Maar, hij is een lollige pee, een leuke kerel. Het overlijdensbericht bleek van zijn nichtje, 15 jaar jong. *slik* Je doet wat je op zo’n moment doet en wenst via het sociale netwerk veel sterkte. Wat kan je anders doen? Een dag later komt er een sms, met dank voor de steun via FB, dat het verdriet groot is en de tranen bijna op. Dan doe je wat je kan doen en belt! (Jaja, ooit deden mensen dat, voordat al die I-dinges en prikborden er waren) Een gebroken man... Zijn nichtje had diabetes en heeft ’s nachts een fatale hypo gekregen, lag ’s ochtend dood in haar bed. Man man man... Sprakeloos van zoveel onrechtvaardigheid word je dan. Gaat de dood dan écht zo willekeurig tekeer?

Op 4 dagen tijd heb ik de dood vanuit elke familiale hoek vanop de zijlijn aan het werk gezien: ik zag een gebroken moeder, een gebroken dochter, een gebroken zus en een gebroken oom. Zij moeten afscheid nemen of hebben al afscheid genomen van een zoon van 30, een vader van 64, een broer van 30 en een nichtje van 15. Je voelt hun pijn, maar bent ook dankbaar, omdat je je eigen grootouders nog niet zo lang kwijt bent en een leeftijd van tussen de 80 en 90 echt wel O.K. is om te vertrekken. En, je vraagt je ook af of je moeder gelijk had: is het omdat ik zoveel (teveel) mensen ken dat er elke week wel ergens iemand sterft. Of, is dat gewoon het leven en wen je er na enige tijd aan, hoe ouder je wordt, dat er steeds meer mensen richting Walhalla vertrekken? Ik weet het niet...

De dankbaarheid voor het leven dat ik heb en degenen die me na staan is in zulke weken groter dan anders... evenals het besef van de eindigheid en de concrete angst geliefden te moeten zien sterven. Want, hoe vaak kan je iemand breken vooraleer alle levenslust verdwijnt? Ook dat weet ik niet en hoop ik nooit te moeten ervaren...

Carpe diem, to all my beloved ones.

vrijdag 4 mei 2012

Mijn vader heeft een lief!



Ja, écht. Voor het eerst in 43 jaar heeft de man (nu toch al bijna 68) voor het eerst terug een officieel lief. Laten we er niet al te naïef in zijn: hij had de afgelopen 43 jaar wel vaker een vriendin, gezien mijn ouders hun huwelijkspad eerder over doornen dan over rozen liep. Neen, het valt niet goed te praten dat de man een Fremdgänger was en het niet zo nauw nam met de huwelijkse trouw. Maar, dat zijn gelukkig mijn zaken niet.

In september vorig jaar werd ik half-wees en hij op slag terug “single”. We doen daar thuis niet lullig over (ik althans niet) en staan met beide voeten in het leven, gezien dat toch al zo kort is, wat mama ons wederom bewezen heeft: hij was dus terug vrijgezel, een vrijgezel met de trieste volgepakte rugzak van 18 jaar kankerstrijd, die zijn wederhelft verloren heeft. Best wel wat bagage dus... Maar, papa en ik zijn niet van de soort die bij de pakken blijft zitten. Want, rouwen kan je ook terwijl je leven verdergaat. Tijd is een constante in je leven, zeker als je er 67 bent en weet dat de tijd die je voor je hebt veel korter is dan de tijd die je al gehad hebt.

Hij had zijn verdriet en was daarenboven alleen... Niet gemakkelijk voor iemand die het alleen-zijn niet meer gewend is en het gemis in elke hoek van zijn lege huis voelt. Hij heeft vrij snel beslist dat op café hangen in de hoop een leuke dame te ontmoeten allicht niet het beste plan is. Een verrassende openbaring die getuigt van een enorme zelfkennis, daar mijn vader het niet alleen met “de vrouwen” niet zo nauw nam, maar daarenboven graag en veel op café zat om nadien dronken thuis binnegewaggeld te komen. (Maar, ook dat zijn mijn zaken niet meer, sinds ik het ouderlijk huis verlaten heb op mijn 21ste). Hij had dus geen echt plan, maar wist vooral hoe hij het niet zag: hij wilde eigenlijk geen relatie, wilde zeker niemand uit de buurt, ze moest haar eigen boontjes doppen en zelfstandig zijn, geen behoefte hebben te gaan samenwonen of trouwen en vooral zin hebben om te genieten van het leven. En, ja, ze moest ietwat van zijn leeftijd zijn, want (veel) jongere vrouwen heeft hij altijd een ziekelijk gegeven gevonden bij mannen op leeftijd. Hij had op dat vlak altijd zijn principes. Belangrijk was dat ze een positieve ingesteldheid heeft en dat ze graag nog dingen wil doen, zien, beleven. Reisjes, uitstappen, cultuur... Al die dingen die de laatste jaren wat op een laag pitje stonden omdat het met mama niet goed ging, wilde hij nu doen. Want, de tijd vliegt en gezondheid is op die leeftijd geen zekerheid meer.

Gelukkig is er het internet en kwam hij – geheel zelfstandig – uit op een Duits-Oostenrijkse datingsite voor hoogopgeleiden. Een betalende site, die bij mij vooral mijn wenkbrauwen dubieus deed fronsen, maar hij had er het volste vertrouwen in. 

Nog niet genoeg dat hij zich als single terug op de markt gooide, hij heeft ook een volledige medische checkup ondergaan om te kijken in hoeverre hij terug kan gaan sporten na jaren van inactiviteit. En, ook dat plan heeft hij heel gauw hard gemaakt: hij sport, heeft het huishouden onder controle, heeft het één en ander thuis heringericht, kookt voor zichzelf en voorziet zichzelf wekelijks van een groot boeket verse bloemen. Ja, stijl heeft ie wel, dat moet ik toegeven.

De datingsite dus... Papa is een aimabele man, groot, behoorlijk struis en hij heeft al wat jaren op de teller en komt dus niet meer over als pakweg een Johnny Depp of zo, zodat het me dan ook verbaasde dat hij binnen de kortste keren maar liefst 3 single dames had waarmee hij chatte, mailde en belde, die allen afgegaan waren op zijn foto en profielomschrijving. Voor iemand die voorheen absoluut geen voorkennis had van sociale netwerken, datingsites en meer van dies vond ik dat toch al een enorm succes. Vrij snel heeft hij dan ook besloten om de dames, quasi allemaal uit zijn geboorteland Oostenrijk, te gaan bezoeken of met hen in België af te spreken. Als hoogopgeleiden zijn ze werelds en kapitaalkrachtig genoeg voor een weekendje België met het vliegtuig, dadelijk ook een bewijs van hun zelfredzaamheid, die papa zo belangrijk vond.

We hebben in die tijd bizarre gesprekken had. Want, geloof me, ouders doen het niet, deden het niet en horen het ook niet te doen! En, posthuwelijkse datingverhalen van een single-parent (je eigen ouder in dit geval!) zijn al helemaal bizar en zo nu en dan werd er door mij dan ook een halt toegeroepen als er teveel info op me dreigde af te komen, als mijn papa in vol enthousiasme zijn hart kwam luchten bij zijn meest close vertrouwelinge, die met beide voeten op de grond staat en er geen probleem mee heeft dat hij zijn leven opnieuw aan het inrichten is. Maar, trop is teveel en ik blijf zijn dochter, die écht niet alles weten wil!

Maar, het was ook vertederend en mooi om te zien hoe hij opfleurde, hoe hij ’s avonds tijdig naar huis moest omdat hij nog een telefoontje verwachtte van één van zijn datingsitevriendinnen. Als moeder van een bijna-puber was dit een beetje een repetitie in het loslaten en vertrouwen van iemand die in rechte lijn je bloedverwant is, ook al betreft het je vader. En, ja, ook de ongerustheid over mogelijke mislukkingen, liefdesverdriet, enz.

In januari kreeg hij dan bezoek van één van zijn vriendinnen. Uiteraard wilde ik haar ontmoeten en weten met wie mijn vader nu al weken belt en mailt. Want, loslaten is wel goed, maar een beetje controle van hogerhand moet er toch zijn, ook al was het maar om goedkeurend te knikken en te zien dat het goed is. We spraken af op neutraal terrein, tijdens de laatste dagen van Winterland. Ze was eerst nog wat stil en het was ook de bedoeling haar druppelsgewijs te laten kennismaken met ons bizar gezin, dat bestaat uit 2 dochters, waarvan de ene nog steeds gelukkig getrouwd en met 2 kinderen en de andere gelukkig gescheiden met 4 kinderen, een ex-man en zijn vrouw en nog meer sociale aanhang die erbij hoort. Wist ik veel dat mijn ex-man en zijn vrouw net die dag gekozen had om met onze kinderen ook te gaan genieten van Winterland? Arme Eva kreeg dus dadelijk mijn voltallige helft van de clan op haar dak, onaangekondigd en geheel onverwacht. Een vuurdoop die verzacht werd met enkele jenevers, zodat ze ineens wist welk vlees ze in de kuip had.

Ondertussen zijn we 4 maanden verder en werkt de relatie papa-in-België en Eva-in-Oostenrijk wonderwel! Hij is vaak ginds, zij is soms 3-4 weken op rij hier en tussendoor cruisen ze door Europa en gaan mama’s broer in Frankrijk bezoeken, trekken naar Italië en rijden met papa’s cabrio de lente- en zomerzon tegemoet, genietend van hun vrijetijd.

Tja, ik heb het nooit gehad op datingsites, vond het voorheen allemaal een hoop opgeblazen zever voor mannen die een buitenhuwelijks verzetje zoeken of vrouwen die niet van straat geraken, maar moet toegeven dat ze uitzonderlijk toch succesvol zijn in hetgeen waarvoor ze ontworpen zijn: matchmaking!